Sep 2011

Week 35 2011

Kristien Column3

Maandelijks schrijft de Hamontse Kristien Gijbels-Morato in HAC Weekblad over haar leven in de Verenigde Staten. Ze werkt als showbizzjournaliste in Hollywood. Hier is de derde aflevering van 'Life in Los Angeles' ...

En weg was ik. Gepakt en gezakt ging ik rechtstreeks van mijn bureau richting Beverly Hills om naar de press junket van Final Destination 5 te gaan. Het was een helse rit, het leek wel alsof alle San Diegans de uittocht hadden geblazen: de wegen zaten propvol. Dat ik toch nog op tijd was voor de filmvoorstelling was zowaar een mirakel. Vijf minuten later zat ik alweer in het busje richting Mann’s Chinese Theater, waar de screening plaatsvond. Toeristen krioelden als mieren op en rond de Hollywood Walk of Fame, onze groep kon zich amper door de menigte wurmen. Ik zag blikken van opluchting toen de persmeute in de bioscoop aan de drukte kon ontsnappen.
Er waren maar weinig journalisten die er zin in hadden, en daar kon ik ze helemaal geen ongelijk in geven: na de vierde Final Destination had iedereen het wel gehad. Ja ze leggen allemaal het loodje, en ja, de ene dood is al wat gruwelijker dan de andere. Maar een verhaallijn is ver te zoeken en grote namen blijven uit. En toch, de vijfde film was lang niet zo slecht. Opeens zag de junket er meteen een stuk veelbelovender uit. Dat ik de dag erna een fikse uitbrander zou krijgen, had ik nooit verwacht…
Het was vroeg, héél vroeg. Rond een uur of zeven zaten we al in de persruimte. Na een half uur vertraging gingen de eerste interviews van start. Mijn interview met Nicholas D’Agosto en Emma Bell was op z’n minst opmerkelijk te noemen. Na een reeks vragen over de franchise trok ik de stoute schoenen aan. Hun relatie op het witte doek komt een beetje sullig ten einde, dus zag ik mijn kans mooi om een van mijn vragen door te trekken naar hun liefdesleven. Subtiel, maar toch gewaagd. Gewaagd, maar toch beleefd. Emma kon er nog mee lachen, maar Nicholas was er minder blij mee. Hij deed er dan ook alles aan om mijn vraag zo goed mogelijk te ontwijken. Met succes zo blijkt, want na twee minuten rond de pot draaien was ik niks wijzer geworden.
Na het interview hoorde ik hoe hij aan zijn entourage vertelde dat ik hem erin probeerde te luizen. D’Agosto was dan wel een beetje op zijn tenen getrapt, acheraf werd mijn vraag door de pers tot ‘vraag van de dag’ gebombardeerd. Ik lachte in mijn vuistje. Wie niet waagt, niet wint. Passie voor het vak, noemen ze dat.
Ik had net mijn laatste vraag gesteld toen ik een telefoontje kreeg van 20th Century Fox. Of ik ook nog naar de première van Glee kon gaan? Een paar uur later werden we opgehaald voor de filmvoorstelling. Wat volgde was een bizar spektakel. Ons busje reed op weg naar de bioscoop achter de limousines van de cast aan. Duizenden gillende tieners stonden hen achter dranghekken op te wachten. Omdat de ramen van ons busje getinte ruiten had, werden ook wij door dolgedraaide fans toegezwaaid. Toen we uit de wagen stapten, werden we getrakteerd op een zee van cameraflitsen. Of hoe we opeens onze ‘fifteen minutes of fame’ mochten meemaken…
De volgende morgen werden we aan de ontbijttafel ‘gewaarschuwd’ voor hoofdrolspeelster Lea Michele, die volgens een aantal journalisten heel wat noten op haar zang zou hebben. En dat was een understatement! Zo snauwde ze ons meermaals af, vertelde ze dat ze geen zin had om op ‘domme vragen’ te antwoorden, en eiste ze dat er in elke ruimte een kommetje fruit stond.
Twee dagen later, negen interviews en twintig acteurs verder, ging ik moe maar voldaan weer naar huis. Ik laadde mijn tapes in op de computer en er kwam een glimlach tevoorschijn toen ik hoorde hoe de acteur mij vlak na het interview een bolwassing gaf: “Wat ben je toch een stiekemerd, zulke vragen stellen!” Van het opkomend talent tot de vreemde eisen van een soapdiva: Hollywood, u blijft me verbazen.

Kristien Gijbels Morato

Week 31 2011

Kristien Column2

Maandelijks schrijft de Hamontse Kristien Gijbels-Morato in HAC Weekblad over haar leven in de Verenigde Staten. Ze werkt als showbizzjournaliste in Hollywood. Hier is de tweede aflevering van 'Life in Los Angeles' ...

Eerst en vooral een dikke proficiat aan Jelle Vanendert! Al moet ik toegeven dat de nieuwbakken volksheld me wel met een beetje heimwee heeft ‘opgezadeld’. Wat zou mijn papa, vroeger een fervent wielerfanaat, trots geweest zijn op hem. Als hij nog zou leven, dan zou hij het hele spektakel ongetwijfeld van op de allereerste rij hebben gevolgd. Ik kon dan ook niet anders dan met een beetje weemoed terugdenken aan de stad waar ik zowat mijn hele leven heb gewoond.
De ster van Hamont slaagde er niet alleen in om de zwaarste Pyreneeënrit op zijn naam te schrijven, maar hij liet het stadsplein met duizenden stadsgenoten vollopen. Wat was ik er graag bij geweest. Ik heb op internet en in de krant heel wat prachtige beelden de revue zien passeren, zelden zo een fier volk als de Hamontenaren gezien, petje af!
Dat ze in Noord-Limburg kunnen feesten is bij dezen wel dubbel en dik bewezen. Al kunnen de Belgen in San Diego nochtans ook een aardig potje boemelen. De nationale feestdag mag in het thuisland dan wel (bijna) een dag zoals alle anderen zijn, voor landgenoten die een ‘nieuwe thuis ver van huis’ hebben is 21 juli een dag die niet onopgemerkt voorbij mag gaan. En gevierd hebben ze, met een groots bier-, frieten-, stoofvlees- en mosselfestijn. En de Brabançonne, uiteraard.
Dat Belgisch onderonsje hielden we bij Stefaan, de organisator van de San Diego Belgian Meetup Group, die zijn Belgische driekleur voor de gelegenheid had uitgehangen. Zo’n twintigtal Belgen vatten post in Stefaans achtertuin, die op een luie zondagnamiddag het decor vormde voor een meer dan geslaagd mini-volksfeest. De sfeer en de ingrediënten waren er, en misschien niet onbelangrijk: Clouseau was ook van de partij. Hun cd’s hebben we die dag helemaal grijs gedraaid. Wat wil een uitgeweken Belg nog meer hebben?
De nationale feestdag is slechts één van de vele bijeenkomsten waarop we gezellig samentroepen. Elke derde donderdag van de maand spreekt een groepje expats af om tussen pot en pint bij te kletsen. Dat gebeurt uiteraard met bier en frieten, buiten Godiva-pralines en FN-wapens zowat de enige Belgische houvast die er in het zuiden van Californië te vinden is. Maar ons hoor je niet klagen: de bierkaart van ons stamcafé is er eentje om ‘u’ tegen te zeggen. Van Geuze tot Westmalle Tripel tot… jawel, Achelse trappist!

Maar er moet natuurlijk ook gewerkt worden. Komkommertijd? Showbizz doet daar niet aan mee. De sterren in Hollywood vinden eigenlijk altijd wel een manier om in het nieuws te komen, maar mij hoor je niet klagen. Laat je ze eventjes links liggen, dan komen ze zelf wel naar je toe. Als de berg niet naar Mohammed komt, dan moet Mohammed maar zelf naar de berg komen, toch?
Celebrity’s spelen met veel plezier een beetje vals en schamen zich dan niet om hun ‘geheime’ agenda door te spelen aan de paparazzi. “Mannen, deze middag ga ik op de koffie bij acteur X, op boulevard Y in stad Z.” Alstublieft, op een presenteerblaadje. Be there or be square. Dat de sappigste roddels meestal vlak voor een filmrelease opduiken, mag dan ook geen toeval wezen. “Bad publicity is still publicity”, en dat weet Tinseltown maar al te goed. Zij leven van ons en wij leven van hen: iedereen tevreden.
Ook in augustus is het druk, druk, druk en heb ik weer heel wat leuks in petto: zo mag ik dit weekend de cast van ‘Final Destination 5’ in Beverly Hills interviewen, komt op 16 augustus mijn allereerste tv-interview uit en krijg ik eind deze maand mijn mama op bezoek. Ik ben er helemaal klaar voor. Slapen doen we wel als we dood zijn, het zou zowaar mijn nieuwste lijfspreuk kunnen zijn. Tot in september!

Kristien Gijbels Morato

Week 27 2011

Kristien Column2

Maandelijks schrijft de Hamontse Kristien Gijbels-Morato in HAC Weekblad over haar leven in de Verenigde Staten. Ze werkt als showbizzjournaliste in Hollywood. Hier is de eerste aflevering van 'Life in Los Angeles' ...

Niets zo heerlijk als een fris getapt pintje, een vers gebakken brood en een overheerlijke friet met mayonaise. Ik zit al maandenlang op mijn honger want waar ik woon bakken ze er letterlijk niets van. Vorig jaar pakte ik mijn boeltje in Hamont en verhuisde ik met mijn hele hebben en houden naar San Diego. Hoe ik in de Verenigde Staten ben beland? De liefde. Wat ik hier doe? Schrijven.
Ik werk sinds een tijdje als showbizzjournaliste en pendel geregeld tussen San Diego en Hollywood om filmsterren te interviewen. Hoe ik mijn werkdagen slijt? De ene dag breng ik het laatste nieuws over de nieuwste Hollywoodkoppels, de escapades van de sterren en leg ik ook af en toe een celebrity-schandaaltje bloot. De andere dag bevind ik mij in L.A. waar ik een filmster op de rooster mag leggen. Zo interviewde ik onlangs Jim Carrey voor de promotie van zijn nieuwste film ‘Mr. Popper’s Penguins’. Wat je een topacteur in godsnaam over pinguïns moet vragen was misschien nog wel het minste van mijn zorgen. Het feit dat het om mijn allereerste televisie-interview ging heeft me daarentegen wel de nodige zenuwen bezorgd. Ik kreeg maar vijf minuten om mijn vragen te stellen, elke fout die je maakt gaat dus genadeloos van je kostbare tijd af. Na een vliegensvlug onderonsje, hoepel je vervolgens als de bliksem op zodat de volgende journalist in een sneltempo zijn vragen kan afratelen. Ondanks de zenuwen en het tijdsgebrek heb ik er toch volop van genoten. En om eerlijk te zijn: van zodra je een wereldster zoals Carrey voor je hebt zitten, ben je die camera’s zo weer vergeten.
Een week later stond ik opnieuw in Hollywood waar ik de cast van de ‘Green Lantern’ mocht interviewen. Toch verliep niet alles zoals gepland, en dat dankzij een gigantische uitschuiver van Blake Lively (die in de film aan de zijde van Ryan Reynolds is te zien). Amper een paar dagen voor de release werden er naaktfoto’s van Blake op het internet gelekt, waardoor de pers opeens heel wat sappige vragen in petto had om tijdens de press junket op haar af te vuren. Dat was natuurlijk allemaal te mooi om waar te zijn, want Warner Brothers kwam met een geweldig plan op de proppen om de pers met een kluitje in het riet te sturen. We kregen aanvankelijk 20 minuten per acteur, maar na het naaktincident lagen de kaarten opeens helemaal anders. De filmstudio besliste om de acteurs in groep op te voeren tijdens een grote persconferentie waarbij je enkel en alleen vragen mag stellen wanneer een moderator jou een microfoon onder je neus duwt. Onder het motto ‘niet geschoten is altijd mis’, ben ik toch nog gegaan. Al viel er weinig nieuws te rapen want iedereen die ook maar één verkeerde vraag durfde te stellen werd onmiddellijk de deur gewezen. Het is er op een persconferentie in L.A. nog nooit zo braaf aan toe gegaan.
Dat het er zo netjes aan toeging is op z’n minst verwonderlijk, want de Amerikaanse journalisten zijn allesbehalve op hun mondje gevallen. In de VS vragen ze je de kleren van je lijf, soms op het brutale af. There’s no business like show business, dus kan ik er maar beter aan wennen.
Tijdens zo een ‘press junket’, waar je dus eerst de film tijdens een screening krijgt te zien en de dag erna interviews doet, halen de filmstudio’s echt alles uit de kast om een goede indruk na te laten. Ze laten je gratis en voor niets in poepchique hotels overnachten, betalen je vervoerkosten en je mag op hun kosten je buikje rond eten. Al schotelen ze het meest indrukwekkende buffet voor, sinds ik hier woon kan ik precies nog maar aan één ding denken: het moment waarop ik nog eens een überbelgische maaltijd naar binnen kan spelen. Nog eventjes wachten, want over een half jaar zak ik opnieuw naar Hamont af, waar je mij ongetwijfeld twee weken lang dagelijks in de frituur zal aantreffen…
Al heb ik me de grote oversteek nog geen moment beklaagd, die onweerstaanbare drang naar typisch Belgische kost ligt me toch al verdorie lang op mijn maag.

Kristien Gijbels Morato