Je kunt veel betekenen voor de mensen thuis

In aanloop naar de Dag van de Verpleging (12 mei) brengt Evert Meijs de komende weken  interviews met personen die in de zorg werken. In de gezondheidszorg van het verspreidingsgebied van deze krant. Onze verslaggever spreekt met verpleegkundigen van zorgcentra aan weerszijden van de rijksgrens. Maar ook ontmoet hij wijkverpleegkundigen en ambulancebroeders uit Noord-Brabant (NL) en Limburg (B). Deze week verschijnt zijn derde artikel: een gesprek met  Vera Nievergeld uit Maarheeze, die vier jaar wijkverpleegkundige was bij de stichting ZuidZorg.

MAARHEEZE – In ’s-Hertogenbosch studeerde Vera Nievergeld (*Udenhout 1991) af als HBO- verpleegkundige. Ze wist al vroeg dat ze in de wijkverpleging zou willen gaan werken, om mee te helpen mensen zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen laten wonen. Vier jaar lang belde ze aan de voordeuren van cliënten, onder de vlag van ZuidZorg. Vandaag vat ze die periode als wijkverpleegkundige samen, in haar nieuwe huis aan de Bruine Akkers.

“Ik was nog niet afgestudeerd, maar ging toch alvast solliciteren bij ZuidZorg. Want vanuit mijn stageperiode werd het duidelijk dat me dát het beste zou passen. Vóórdat ik mijn diploma op zak had, werd ik al door ZuidZorg aangenomen voor mijn eerste job”, aldus Vera, die meteen de kans kreeg om twee weken mee te lopen met een collega. “Ik had wel veel gestudeerd, maar kon nog geen bloedsuiker prikken. Er viel dus nog veel te leren, maar dat sprak me wel aan.” Vanaf het moment dat de verpleegkundige Vera alleen door de Eindhovense wijken fietste, voelde ze zich als een vis in het water. Vera: “Ook al werkte ik vaak in een wijk met een minder-goede naam, ik vond het fantastisch, en voelde me nergens zo veilig als in juist die straten.” Ze ging het liefst op de fiets, want parkeerplaatsen waren dun gezaaid, zeker als PSV moest voetballen.

Van kaartje naar gsm

Tijdens haar ochtend- middag- of avonddiensten startte ze altijd op het regiokantoor. Daar ontmoette ze collega’s en werden de laatste zaken besproken die relevant waren, voordat de route kon worden gestart. “Er hing toen nog een groot bord met van iedere cliënt een kaartje. Je fietste dan naar dat adres en keek dan in de map die meestal op tafel of op het dressoir lag. Ik verdiepte me dan in de laatste verslagen van collega’s of artsen, voordat ik aan het werk kon. Tegenwoordig gaat het gelukkig allemaal via de mobiele telefoon”, lacht Vera, die voortaan de rapportages en het zorgplan van de cliënt elektronisch en op afstand kon inzien. Meestal bezocht ze in de ochtend tien tot vijftien cliënten, en ’s middags was er ruimte voor keukentafelgesprekken met nieuwe cliënten, multi-disciplinair overleg, het opstellen van dossiers of gesprekken met een huisarts.

Gehele beeld is belangrijk

Op de vraag welke specifieke werkzaamheden bij een wijkverpleegkundige horen, somt Vera ’n aantal zaken op als het verzorgen van een urinekatheter, het verzorgen van wonden, het controleren of opstarten van sondevoeding of het verzorgen van een opening in de voorzijde van de luchtpijp, meestal tracheo-zorg genoemd. “Maar ook voor de ADL (Algemene Dagelijkse Levensbehoefte) kom ik bij de cliënt aan huis. Het mooie van het werk is dat je voortdurend kijkt naar het gehele beeld van de patiënt in zijn woning”, aldus Vera. “Je kijkt hoe het gewicht is, hoe de cliënt zich voelt, hoe de sonde-patiënt reageert als hij wéér niet mee kan naar een etentje. En hoe het staat met de pijn, de persoonlijke verzorging en of het tijd is om een arts in te schakelen of extra zorg aan te vragen”. Het is duidelijk dat Vera Nievergeld-van den Berkmortel is gepokt en gemazeld in haar vak.

Het moet je wel liggen

En of het allemaal nog niet genoeg is, had de zuster ook regelmatig bereikbaarheidsdienst tijdens haar ritten naar cliënten. Vera: “Soms krijg je een cliënt aan de lijn, die zich afvraagt hoe laat de verzorgende haar de steunkousen zal komen aandoen. Of een collega belt om hulp bij het verzorgen van een wond. Of een sonde-apparaat slaat op alarm en moet het probleem worden opgelost.

Het onverwachte heb ik altijd erg leuk gevonden”. 

Tijdens het gesprek blijkt maar al te duidelijk dat het beroep van wijkverpleegkundige voor Vera altijd heel bijzonder is geweest. “Het is een heel mooi beroep, maar het moet je wel liggen. Je komt heel dicht bij de mensen, de wijkzorg vind ik veel persoonlijker dan de zorg in het ziekenhuis”. Vera vindt het mooi om waardering te krijgen, of als een genezingsproces succesvol kan worden afgesloten. “Maar ook je rol in de laatste levensfase van de cliënt is heel bijzonder. Zeker als je achteraf van de familie hoort dat ze zo blij waren dat hun familielid tot het einde toe thuis had kunnen blijven”. 

Triage

Schrijnend was het soms dat een cliënt zo lang moest wachten alvorens opgenomen te kunnen worden. Omdat de patiënt zelf niet wilde, of omdat er nog geen plaats was. “Ook de administratie die erbij hoorde, maakte dat het soms wel lang duurde. Het gebeurde wel eens dat de cliënt flink was gevallen en daardoor wél meteen een plekje kreeg in een verzorgingshuis.

Na vier jaar bij ZuidZorg stapte Vera over naar Zorgorganisatie Stichting Land van Horne, mede vanwege haar privé- verhuizing naar Maarheeze. “Nu volg ik de opleiding voor wondverzorging en heb ik een triagefunctie: ik probeer cliënten te beoordelen naar de ernst van de klacht of de aandoening. Ik stel vragen en kijk daarna of ik naar de cliënt toe ga, of een arts bel, of wat dan ook”. Vera is een tevreden pleeg, die de laatste maanden heen en weer crost van Haelen naar Maarheeze, van Someren naar Weert, of van Nederweert naar Budel. Niet alleen bij de mensen thuis, maar ook als er om hulp wordt gevraagd in een verzorgingshuis in het gebied van haar team, is ze daar te vinden voor assistentie.

Tekst en foto Evert Meijs