Op excursie in de Sint- Laurentiustoren van Hamont, deel 2.

Hamont – De toren van de neo-gotische dekenale kerk van Hamont ondergaat momenteel een verbouwing. De haan, het kruis, de bol en de opengewerkte peer op het achtkantige houten topje van de spits zijn in juli verwijderd om te worden hersteld of vervangen. In roestvrij staal wordt de peer opnieuw gemaakt, nadat deze ingescand is.  Samen met twee torenkenners: Jan Huyers en Harrie Meeuwissen klimt HAC Weekblad mee naar grote hoogte. Vorige week deel 1, deze week deel 2.

Zwartberg, Budel, Wessem

Fantastisch om vanaf het hoogste puntje van de kerktoren de historische structuur van de stad Hamont te kunnen zien. De woningen van de beide heren worden fotografisch vastgelegd. “’s Kijken of mijn vrouw nog ligt te zonnen”, zegt Harrie glimlachend. “Kijk eens hoeveel open ruimte dicht bij het centrum ligt”, wijst hij naar een perceel dat net achter het klooster ligt. Door het heldere weer zijn de steenbergen van de steenkoolmijnen van Zwartberg duidelijk zichtbaar. Achter de metalen schoorsteen van de Budelse zinkfabriek zijn in de verte koeltorens zichtbaar van de gascentrale aan de Maas in Wessem. “Hier kortbij nog mooie achtertuintjes in het stadscentrum”, wijst Harrie. Hij geeft nog wat uitleg over verkavelingen en eigendommen die van eigenaar wijzigden en over maïsvelden –zo groot als acht, negen bouwpercelen- die vlak achter het klooster liggen. Op de hoofdbalken die de spits dragen hebben jongelui destijds hun naam gekrast. “Eén van de eerste activiteiten van de Jin ( scouts ) vóórdat ze leiding werden, was het beklimmen van deze toren”, lacht Harrie.

Imposante kapconstructie

De koningsspil staat als een kale piek op de toren. De vraag is of deze nog in goede staat is om weer gebruikt te gaan worden voor haan, kruis en peer. Vanaf de plek van de klimmers is het topje van de piek nog net te zien. De kerken van Budel ( ook een Cuypers kerk), Leende, Weert en van Nederweert rijzen uit de horizon omhoog. De beiaard laat om 10.45 uur van zich horen terwijl Jan weer afdaalt. Hij heeft nog een taxiritje naar vliegveld Eindhoven.  De houten balustrade in het topje van de toren is op verschillende plaatsen verrot: een onderhoudswerk voor volgend jaar. Na nog een blik op het oude kerkhof van Hamont wordt de afdaling als echte viervoeters weer ingezet. In plaats van rechtstreeks naar de begane grond te klauteren, gaat Harrie vóór om uitvoerig de gewelven te bekijken boven het middenschip van de Sint-Laurentiuskerk. Tussen het immense houten dak en de gemetselde gewelven zijn indrukwekkende licht-metalen loopbruggen aangelegd, ter vervanging van houten loopplanken, zoals die de Budelse kerk nog steeds heeft. Door verschillende dakvensters valt voldoende licht binnen om de imposante kapconstructie te bestuderen. Harrie: “De houten balken die het dak steunen, zijn opgespannen, zodat ze nooit meer kunnen doorzakken, en het dak mooi recht blijft.” Meter voor meter wordt de viering bereikt: de plek waar het middenschip en de dwarsbeuken elkaar kruisen. Een rond deksel van bijna twee meter sluit de sluitsteen van dit gewelf af. Een klein katrolletje is aangebracht om bijvoorbeeld in de kerk beneden de zware adventskrans of feestelijke doeken aan te hangen en omhoog te hijsen. “Vroeger –toen mazout nog goedkoop was- lag hier soms geen deksel op. Doeken of krans bewogen dan bij storm angstig heen en weer”. 

Uitschuifbare takelarm

Aan de zuidkant van de loopbrug hangt een uilenkast tegen de muur. En zware stenen schoorsteen brengt de rookkanalen vanuit de verwarmingskelder onder de sacristie en van de vroegere kerkkachel samen tot in de nok. De originele arduinen schoorsteen wordt teruggeplaatst bij volgende restauratiewerken. Links hangt een vangkooi voor duiven. Eén duif zit in de kooi maar weet zich toch handig te bevrijden door de stokjes op en neer te spartelen en te frunniken. Door een dakvenster open te maken ziet Hamontenaar Harrie dat één van de dakgoten vol water staat. Hij pakt een lange ijzeren buis en veegt een stukje daklei weg van de gootpijp vijf meter lager, totdat het vuile water zich kolkend door een regenpijp naar beneden stort. ’n Duif slaat als mede-veroorzaker de activiteit gade, terwijl het kwik boven de dertig graden is gestegen. Om alle pijpen en loopplanken naar de ‘zolder’ te takelen, werd een uitschuifbare takelarm op de gewelven bevestigd, die men later niet meer heeft verwijderd. Aan de railing zit een katrol met 50 meter touw. “Dit sterke klimtouw dient om zakken afval naar beneden te laten of bouwmaterialen naar boven te trekken”, weet Harrie te vertellen. Door het open deurtje aan de westzijde zijn nog mooie foto’s te maken van de Napoleonsmolen, die honderd jaar ouder is dan de kerk. Op de loopbrug ligt nog een verdwaalde piroen: een loden ornamentje dat op alle dakvensters staat. Via gaatjes van de sluitstenen lopen kabels voor de lampen die in de kerk hangen. Op een stalen spant langs de loopbrug ligt nog een oud venstertje van vroeger. Zonde om weg te gooien: getuigenis van vroeger vakmanschap. 

Hulde aan de schrijnwerkers

Dan worden de gewelven weer verlaten om de tocht naar beneden voort te zetten, met bijzonder veel respect voor de vakkundige schrijnwerkers die deze bouwwerken realiseerden. Het ene na het andere luik wordt weer gesloten, een toegangsdeurtje wordt met een steentje vastgezet en korte tijd later komt Harrie zeer tevreden op de begane grond. De laatste deur wordt gesloten. De dubbele kerkdeur wordt nog aan een vakkundige inspectie onderworpen. Het hang- en sluitwerk is onlangs nog helemaal gerestaureerd en ziet er piekfijn uit. “De kerk is tot fietskerk verklaard”, zegt Harrie. “Er moet nog propaganda voor gemaakt worden, want de kerk is altijd open, hè. Hier wordt ook Onze Lieve Vrouw van de Weg vereerd, je kunt er een kaarsje laten branden”. 

Helaas is er geen tijd meer om op het aanbod in te gaan iets fris te drinken in de tuin van Harrie. Na bijna twee uur is een boeiende excursie ten einde.