Boerenkaas

Als een donderslag bij heldere hemel kwam vorige week het bericht van het plotselinge overlijden van Jan de Bout. Voor wie hem niet kent (en dat zullen er niet veel zijn): een schat van een man, een mooie man ook, lief, vrolijk en hartelijk voor iedereen; een unieke man. Ik kende hem al vanaf mijn twintiger jaren. En dan toch opeens….zijn dood.. (Lees hier elders in de krant meer in een een IM over Jan de Bout.) 

Een paar dagen geleden lag ik weer eens in bed wakker te liggen tegen de ochtend. Ja niet vanwege Jan, ik lig heel vààk wakker, ben een slechte slaper en ga dan maar tv  kijken. Ineens veranderde de herhaling van het journaal op NPO 1 in tekst tv met een letterbalk met nieuws die onderaan het beeld loopt. Zoals te doen gebruikelijk. Met mijn duffe en slaperige hoofd las ik toen ineens: “AH roept nog meer boerenkaas terug”.  Aha dacht ik, Albert Heijn heeft dus al eerder boerenkaas terug geroepen. Zo van, boerenkaas, kom terug! Waarschijnlijk waren er al wat boerenkazen teruggekomen, mopperend natuurlijk, van, waarom moeten wij terug? Altijd wij, nooit eens de burgerkaas. Een beetje verongelijkt kwamen de boerenkazen aangelopen, zij aan zij, maar AH vond het niet genoeg, dus ze riepen nog meer boerenkaas terug. Waarschijnlijk mankeerde de boerenkaas van AH iets. Wellicht zat er een bacterie in die niet door de beugel kon. Of te veel zout. Of gevaarlijke gluten uit het Oostblok. Of waren ze te laag geprijsd. Op de onderkant in plaats van op de bovenkant. Zo lag ik van alles te bedenken wat dan wel de reden kon zijn dat AH midden in de nacht boerenkaas terug riep. Nog meer zelfs. En ik dacht: wat zou Jan daarvan gedacht hebben? Niks, Jan zou er vermoedelijk hooguit mee gelachen hebben. Ik wachtte op de verklarende pagina tekst, verdeeld over drie tekstblokjes, zodat wij, kijkers, een overzichtelijk nieuwsitem voorgeschoteld kregen. Maar nee, de kaasverklaring zat er niet bij. Wel steeds twee dezelfde pagina’s over een minister, maar geen kaas. Ik vind trouwens die snel lopende tekstregel, met alleen de koptekst soms bijzonder onduidelijk en verwarrend. Bijvoorbeeld: “Ministerie laat Blok vallen”, of “Wachtgeld OHV te summier”, “Hond eet pannenkoek en steekt snel weg over”. “Kanalen niet overal even breed”. “Jeugd minder toeschietelijk over gebruik hoofdletters”. “Water bij de wijn valt niet in goede aarde”. “Tragedie op A2 na klapband Luxemburger”. Deze laatste zin is dan weer wél duidelijk Die dekt helemaal de lading. Wel wil ik dan weer weten hoeveel auto’s erbij betrokken waren, en of de Luxemburger in een personen- of een vrachtwagen reed, wellicht gevuld met boerenkazen zodat dat probleem ook weer opgelost was. Tenzij die boerenkazen bestemd waren voor de Jumbo. Dan moest alles weer opnieuw beginnen. En ja hoor, daar waren ze weer: “AH roept nog meer boerenkazen terug.” Die zaten dus niet in die vrachtwagen van de Luxemburger. Ik was inmiddels gevaarlijk dicht bij de slaap. Zo gaat dat wanneer je dingen denkt waar geen touw meer aan vast valt te knopen. “Fors minder analoge tv’s per km2”.“Eerste Communie in gevarenzône”. “Meerderheid kanaries wil afstrijken lucifers verbieden”. “Paus mild over celibaat gehoorgestoorden”. Maar daar kwam Jan weer opzetten en ik werd weer helemaal wakker en dacht: ‘Jan, wat denk jij daar nou van? Zeg er eens iets van.’ Ik kan het hem niet meer vragen, maar ik deed het toch. En ik was tevreden met z’n antwoord: ‘Wanne zaennik’. 

Guus van Winkel, Guus.van.Winkel@pandora.be