Pastoor-Deken Mathieu Plessers is een duizendpoot in de rooms-katholieke kerk

Hamont-Achel – Mathieu Plessers heeft een volle agenda. Tijdens een aangenaam gesprek in zijn woning aan Burg 16 ligt zijn mobiele telefoon kortbij. Als eindverantwoordelijke voor de pastorale eenheid Sint-Jozef Hamont-Achel en voor het dekenaat dat uit drie pastorale eenheden bestaat, balanceert Plessers tussen parochiewerk, dekenaal werk en zijn eigen ontplooiing als mens en als priester. Alle aspecten passeren de revue op een regenachtige avond.

Tekst en foto’s Evert Meijs

Op tafel ligt een stapeltje boeken. Het bovenste is van Toon Hermans. Aan de wand een portret van Eerwaarde Heer Plessers, gemaakt door Jaak Dijkmans. Een glazen asbak valt ook op. De scheurkalender aan de muur is van Kerk en Leven. “Zeg maar Thieu”, zegt de Hamontenaar (*1953 in Hechtel), die officieel Mathieu is genoemd, naar zijn Peter. “Tjeu met ’n j is echt verboden”, zegt hij lachend. “Ik ben trots op die naam, want de Hebreeuwse naam van de evangelist Mattheus betekent Gestuurd Door God. Dat is al wat als opdracht, hè?”, zegt hij. Op zijn gsm zoekt Thieu even op welke beeltenis bij Mattheus hoort. Het blijkt de gevleugelde mens te zijn. Thieu is opgegroeid in een fijn gezin van negen kinderen en herinnert zich een grap van iemand die eens zei: “We zijn thuis met negen, acht zijn er getrouwd en één is er mis gelopen.” 

Ontdek De Mens
“Op mijn tiende ben ik lid geworden van de Chiro en werd later een actieve leider en groepsleider. De overgave om te beslissen om priester te worden kwam vooral door de familiale omstandigheden en de sociale aspecten. Voor mij zijn dat twee basisgegevens om tot een sterke geloofskeuze te komen”, aldus de pastoor-deken, die een blonde en een donkere inschenkt van de Kluizerdijk.  Ook in de gewestwerking is Thieu in die tijd actief. “Wij hadden toen aandacht voor het geloof, voor het bidden. Steevast werkten we op kamp aan het programma ODM (Ontdek De Mens)”, legt hij uit. Er is dan ook aandacht om programma’s te maken met jongens én meisjes, want de Chiro is dan nog gescheiden.

Jeugdwerk
Thieu is als jonge gast nog niet zo gauw door de microbe van het priesterschap gevat.  Pas tijdens de twee laatste jaren van het middelbaar onderwijs begint de overweging om later die richting in te gaan. Bedachtzaam sprekend legt hij uit: “Het studeren beviel me nooit zo goed en koos dus ook niet de Latijnse richting. Later was dat een moeilijkheid toen ik besliste om priester te worden.” Studeren gebeurt in het gezin Plessers nauwelijks. Vader is mijnwerker en boert daarnaast nog ’n beetje. Op het middelbaar onderwijs gaat het uiteindelijk stukken beter met student Thieu, die op school ook  contact krijgt met priesters die er les geven. “Zes jaar lang heeft de vraag me bezig gehouden of het de juiste keuze zou zijn om priester te worden. Toen ik 18 werd, begon ik met de priesteropleiding  en was heel enthousiast. Het was wel jammer dat ik daardoor het jeugdwerk wat minder kon gaan doen”, zo vertelt de gastheer.

Zolder, Zwartberg, Maasmechelen, Lummen, Hamont
In 1977 wordt Thieu tot priester gewijd en engageert zich enerzijds aan het celibaat en anderzijds aan het priesterschap: het leven voor God en de Kerk. Dan wordt hij als kapelaan benoemd in Zolder en kan zich in die parochie weer inzetten voor de jeugdbeweging. “Een mooie tijd. De pastoor zorgde voor de administratie en ik kon de contacten onderhouden met de jeugd”, zegt hij. Na 8,5 jaar wordt de jonge kapelaan overgeplaatst naar Zwartberg om zich daar 4,5 jaar in te zetten. “Het tekort aan priester begon toen. Ik was in Zolder de laatste kapelaan en ook in Zwartberg”, legt Thieu uit. Na tot pastoor te zijn benoemd in Maasmechelen, komt een grotere verantwoordelijkheid op zijn schouders. Middels een minicursus wordt hij bekwaamd voor de nieuwe functie. Na 12 jaar komt de overstap naar Lummen om in 2012 naar Hamont te komen, met de nieuwe functie van pastoor-deken.

Engageren
Mathieu Plessers geeft een inkijk in de werkzaamheden als pastoor-deken en geeft de vier belangrijkste pijlers weer. Persoonlijk gebed en studie, liturgie en catechese, diaconie of welzijnszorg en administratie. “Deze laatste noemen we wel ’t tijdelijke”, grapt de priester, die af en toe wat guitig uit zijn ogen kijkt, met een bescheiden glimlach op de lippen. Het woord ‘engageren’ komt meermalen naar voren tijdens het ontspannen gesprek. Op de vraag welk van de vier aspecten hem het meest na aan het hart liggen, zegt hij: “De catechese. Dus de verkondiging van het Woord. De gesprekken ter voorbereiding en begeleiding van de Eerste Communie, het Vormsel of het huwelijk. Graag geef ik het verhaal dóór over het leven van Jezus. Hij leeft onder ons.”

Wereldperspectief
Tenslotte vertelt Mathieu dat er grote veranderingen op komst zijn: het dekenaat zal in september aanmerkelijk worden vergroot en zal van 3 naar 7 eenheden groeien. “Het nieuwtje wie de nieuwe deken zal worden, kan ik je nog niet geven”, zegt hij met een glimlach en loopt vervolgens mee naar de voordeur. “Ook de wereld wil ik betrekken bij mijn pastorale werk”, zegt hij op de valreep. “Wereldverbondenheid is belangrijk. Diverse bewoners heb ik in huis gehad uit verre landen. Dat wereldperspectief heb ik vooral opgedaan in Taizé. Mijn petekindje woont in Sidney.”

Het regent flink. “Maak er maar wijwater van”, grapt de eerwaarde heer, terwijl de fiets toch weer richting Valkenswaard moet.