Ja, corona

Laat ik me nou toch vorige week weer eens naar Frankrijk vertrokken zijn samen met vriend en honden. Ik dacht met mijn gebruikelijke luchthartigheid, ach…het loopt zo’n vaart niet met die corona en ik blijf maar twee weken. In het begin ging het nog wel, dat is nu tien dagen geleden als ik dit tik. Ik kreeg vorige week nog een omhelzing van ons Italiaantje waar we vaak gaan eten en ik zag sommige mannen elkaar ook nog wel met hand en kus begroeten maar na een paar dagen nam dat af, heel stilaan. Wij moésten wel iedere dag naar het dorp om te appen: onze wifi hier in huis was weer eens uitgevallen. Altijd als ik na zo’n lange periode weer in Frankrijk kom, mankeert er wel iéts. Of op het dak ligt een boom of de rivier heeft gestroomd en de weg naar het huis onbegaanbaar gemaakt, of een andere ramp maar dit keer dus alleen de wifi uitval. Telefoon deed het ook niet meer trouwens, dus ik ‘s avonds nadat we hier aankwamen de weg teruggelopen want na ongeveer een kilometer hebben we daar ineens naast een bepaalde steen de zogenaamde wifi steen, wifibereik. Vanuit de hemel of zo. Dus ik stond daar rillend van de kou in het donker alle thuisfronten te appen dat we veilig waren aangekomen. Ja ‘t is toch bijna 1000 kilometer. TV deed het wel, dus we zagen alle coronarampen veilig op de bank met het houtkacheltje aan op het scherm. Maar de volgende dag moest er weer actie ondernomen worden om de wifi en telefoon gemaakt te krijgen. Dus de volgende dagen eerst maar weer naar de Franse bovenburen, de vrouwkes genaamd, en voor de zekerheid ook naar de gemeentesecretaris en ja hoor, na een week kwam er een monteur van de Franse telecom in huis de boel weer eens maken. Zo gebeurd eigenlijk. Hij was heel vriendelijk maar schudde geen handen. Ik bood hem een truffel aan uit een doosje, die wilde hij wel. Hij was zo aardig om z’n naam en telefoonnummer achter te laten, we konden hem als er nog eens iets was, altijd bellen, dan kwam hij meteen. Whaw, dat was nog eens vriendelijk in deze corona-tijden. En daar hadden we nou een week iedere dag voor naar het dorp gereden om te appen steeds. En net toen ik zei, zullen we dan vanaf nu maar iedere dag ergens gaan eten, dat is net zo goedkoop en zeker zo handig, gooide Frankrijk zijn restaurants dicht.  Dus wij weer naar het dorp, naar de grote supermarkt om voor een week boodschappen te doen. En druk, druk dat het was. Karren en karren vol. Het was een maandag. Vrouwen met handschoentjes aan, caissières die steeds de boel ontsmetten maar alles was nog te krijgen. Ik heb maar één officieel mondkapje gezien in de supermarkt. We kochten voor vier dagen voer. Meer kunnen we niet aan kwa organisatie. Ik kan twee dagen al niet aan, geestelijk, maar mijn vriend deed er nog twee dagen bij. We kochten ook een 9-rols wc papierpak. Heel bescheiden. Diezelfde avond kondigde Macron aan dat we niet meer buiten mochten komen. Alleen voor boodschappen en werk. Ik vraag me af of we nog wel naar huis mogen van die Koek. Zijn naam is trouwens bijna een anagram van corona. Nu ga ik dadelijk twee kilometer lopen want de honden moeten uitgelaten. Eens kijken of iemand mij tegenhoudt. Haha. Intussen ben ik toch ook een soortement besmet met corona want toen ik mijn laarzen vanmorgen aandeed en de rits snel dichttrok, zei die duidelijk: corona. En het andere been ook: corona. 

Maar ik voorspel: over negen maanden een nieuwe ramp die Frankrijk treft: een grote coronababyvloedgolf.

P.S. Helaas wordt het kienen van de leden dames van het Kindje Jezus Gregoria afgelast.