Wij zijn het uithangbord van de stad, aldus stadswerf-leider Stefan Verhoeven. Dl 1

Hamont – Vier stadsvlaggen wapperen fier bij de ingang van de stadswerf aan de Middenweg. Was hier voorheen behalve de werf ook het recyclagepark, sinds vijf jaar staan er schitterende gebouwen waar schitterende mensen werken. Het gemeentelijk terrein is een opslagplaats voor het oudste wasbord tot en met de modernste voertuigen. In de gebouwen zelf worden eveneens allerlei goederen bewaard, zijn de diverse werkplaatsen en bevinden zich kantoren. Werfleider Stefan Verhoeven neemt ruim de tijd om uitleg te geven over de werf, het personeel en de organisatie van de technische dienst met de afdelingen Logistiek, Patrimonium en Groen.

Tekst en foto’s Evert Meijs

Al meteen komt er een mok koffie op tafel. Er liggen nieuwsbrieven voor het personeel. Ze gaan over het gebruik van mondkapjes en over het inplannen van verlof. “We gaan het niet over mij hebben, hè”, zegt een bescheiden Stefan, die zijn zaakjes goed voor elkaar heeft. “Ik ben maar een klein speelstukje in het geheel. Liever heb ik het over de medewerkers die actief zijn op het openbare domein.” Er werken op de stadswerf 35 personen die dag in dag uit bezig zijn om hulp te bieden op allerlei manieren. “We hebben 14.000 klanten, hè”, verduidelijkt Stefan, die verantwoording afdraagt aan zijn leidinggevende Mark Van den Rul.

Stadspark

“Logistiek verzorgt alle transporten van A naar B”, zo legt Stefan uit. “Bovendien zijn zij de ondersteunende dienst bij gebouwen, wegen en groen. Zij fietsen overal de gaatjes dicht”, vertelt hij en legt dan uit dat Patrimonium en Wegen kleine herstellingen doet aan gebouwen en wegen, maar ook het plan van het Stadspark volledig heeft uitgewerkt en uitgevoerd. De groep Groen verzorgt de begraafplaatsen, openbaar groen en pleintjes. Het wordt langzaamaan duidelijk dat de samenwerking van de verschillende onderdelen van groot belang is. “Onze kracht is dat we zo flexibel zijn”, legt Stefan uit.

Strooien vanaf 1 november

Uiteraard staat of valt de organisatie met een goede planning. “Wij zijn geen koekjesfabriek waarbij je vooraf precies weet wat er achteraan uit komt, en wanneer. We hebben voor elke dag een planning, en die maken we om aan te kunnen passen, elke dag weer”, verduidelijkt de werfleider. “Op 1 november moeten we zout kunnen gaan strooien, op 15 maart moeten de grasmaaiers paraat zijn”, en geeft het dorpsfeest van Achel – dat dit jaar niet door ging – als voorbeeld. Twee weken van tevoren moeten de vlaggetjes gehangen worden. De signalisatie wordt voorbereid, de veegwagen doet zijn werken de perken worden gesnoeid. En standpijpen moeten worden geplaatst voor leidingwater, en de toiletwagens hebben een afvoer nodig naar het riool. “Natuurlijk is alles afhankelijk van het weer, van lopende wegenwerken op de route en van ziekte of afwezigheid van personeelsleden”, verklaart hij. 

Een echte garage

Het personeel krijgt regelmatig cursussen of opleidingen aangeboden. “Er is een cursus voor leidinggeven, we zorgen voor de juist rijbewijzen en onlangs hadden we nog een demo voor een nieuwe bestelwagen. Met drieën zijn we gaan kijken naar een hoogwerker die binnenkort aangeschaft zal worden”,  legt Stefan uit en loopt dan voorop voor een wandeling over het terrein en door de verschillende werkplaatsen en opslagruimten. In de technische werkplaats is onlangs een tractor volledig uit elkaar gehaald. “Gaan we die ooit nog aan de gang krijgen, dacht ik bij mezelf”, zegt hij lachend. Maar de medewerker-monteur die er onder ligt, lacht en zegt: “Gewoon de koppeling vervangen en aan de vooras gewerkt.” Het is een echte garage, compleet met smeerput en gereedschap. Er ligt een voorraad metalen pijpen, platen en stroken. Alles is ingericht om ook te kunnen lassen. Er wordt een ronde bank uitgezet door enkele mannen. “Dat wordt de coronabank”, weet Stefan. “De mannen van de constructie helpen nu de werkers van de schrijnwerkerij.” De veegwagen staat open omdat die ook onderhoud vergt.

Volgende week deel II