Trekvogels

De maanden september en oktober zijn de maanden dat de vogelwereld weer volop in beweging komt en het grootste gedeelte van de vogels die hier in Nederland gebroed hebben weer naar het zuiden vertrekken. Wij weten nu veel over de vogeltrek dankzij het ringen van de vogels of door deze te voorzien van geotrackers om ze op de trek te kunnen volgen. Dit was voor eeuwen terug wel anders, er waren zelfs theorieën dat de zwaluwen zich in de modder begroeven of dat er vogels naar de maan gingen om in het voorjaar weer terug te keren en zo zijn er heel veel mythes over diverse vogels. De reden waarom vogels trekken kan zijn omdat er in de winterperiode in hun broedgebied te weinig aanbod is van voedsel of dat er zelfs bijna geen voedsel meer te vinden is door ijzige kou of sneeuw. Wat de vogels ook doen doortrekken of blijven of gedeeltelijk vertrekken, alles is eigenlijk gebaseerd op het voedselaanbod en dus op overleving en in standhouding van hun eigen soort

Het vogeltrekgedrag is bij verschillende vogels anders. We kennen o.a. Standvogels
Dit zijn de vogels die in hun broedgebied blijven zoals de spechten, de mussen en eksters, maar ook de uilen en buizerds zijn blijvers. Deze blijven overwinteren in hun broedgebied en redden zich wel hier met het voedselaanbod.

Zomergasten / trekvogels
Dit zijn vogels die hier in het voorjaar naar Nederland komen om te broeden en in september/oktober weer vertrekken naar het warme zuiden zoals de zwaluwen, de tjiftjaf, fitis, blauwborst, koekoek, wulp, grutto en kievit. Deze en nog vele andere noemen we trekvogels.

Deeltrekkers
We kennen ook nog de deeltrekkers zoals de koolmees, pimpelmees, roodborst maar ook de vinken en de spreeuwen. Een gedeelte van deze vogels trekt naar het zuiden en wordt weer aangevuld door de vogels die vanuit Scandinavië in Nederland komen overwinteren.

Doortrekkers
Dat zijn vaak de vogels die in Scandinavische landen broeden en in het najaar vertrekken naar Zuid Europa of naar Afrika en een heel bekende daarvan is de kraanvogel. Met een beetje geluk kun je ze zeker in de maand oktober in onze regio zien overvliegen.

Wintergasten
Maar Nederland kent ook nog de wintergasten en dat zijn de vogels die in het hele hoge Noorden tot aan Siberië toe in het gematigde Nederlandse winterklimaat komen overwinteren. Zoals het goudhaantje, de klapekster, koperwiek, kramsvogel, wilde zwaan en enkele ganzensoorten.

Dwaalgasten
Dit zijn de vogels die je normaal niet in Nederland zult aantreffen. En hun tijdelijke aanwezigheid heeft vaak te maken met de weersomstandigheden of oriëntatie-problemen.

Voorbeeld van een dwaalgast die in Nederland is gezien is de Vale Gier die normaal in Zuid Europa in midden Spanje en de Pyreneeën leeft.

Info: Harrie Hegge   -> h.hegge1@chello.nl

Foto Henny Lammers