IVN Cranendonck – Beleef de natuur! De snavels van onze vogels

Er is een gezegde: ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is maar dat zelfde vogeltje eet ook zoals het gebekt is. Want je zult de mus met zijn korte stompe snavel niet in de grond zien wroeten om er een pier uit te halen of hard tegen een boomschors aan tikken om er insecten uit te peuteren. De snavel bepaalt voor een groot gedeelte het eetgedrag van de vogel. Maar de snavel van een vogel kan in een gevecht ook een verdedigingswapen zijn en kan dienst doen om het verenpak eens lekker op te poetsen. En wat te denken over het bouwen van hun nest, iedereen ziet wel het beeld voor zich van de duif met een tak in de bek op weg naar een geschikt plekje om een nest te bouwen. En met diezelfde snavel gaan zij ook het voedsel naar hun jongen brengen. De snavel is dus voor diverse doeleinden geschikt en heeft ook verschillende vormen, altijd aangepast aan het eetgedrag.

Kegelvormige snavel

De vogels met een kegelsnavel zijn meestal de zaadeters zoals de mus, de vinken en sijzen.

Met deze korte stompe snavel is het eenvoudiger om de zaden te kraken.

Pincetsnavel

De vogels met een pincetsnavel zijn voornamelijk insecteneters zoals de specht, de boomkruiper en boomklever. Al tikkend en peuterend tegen een boomschors halen ze daar de insecten uit. 

Haaksnavel

De haaksnavel komt voor bij vleeseters zoals de roofvogels. En iedereen kent wel de buizerd maar ook de slechtvalk die we deze zomer via de webcam aan het werk hebben gezien op de Martinus toren in Weert. De haaksnavel wordt ook wel scheursnavel genoemd. De haaksnavel is scherp en heeft een haakvorm en hiermee kan vlees in stukken gescheurd worden. 

Priemsnavel

De priemsnavel komt voor bij vogels die hun voedsel zoals weekdieren, insecten en larven uit de grond of modder halen.  Zoals de grutto’s, wulpen en scholeksters ieder met zijn eigen gespecialiseerde snavel om op het slik te zoeken naar voedsel.

Maar we kennen ook de vogels met de middelmatige priem snavel zoals de merels, lijsters, en de spreeuwen. Deze vogels kunnen we eigenlijk wel alleseters noemen want vaak zien we deze vogels op het gazon pieren uit de grond peuteren en voedsel zoeken in de  bessenstruiken maar ook op de voederplank bij het gemengd strooizaad en fruit.

Zeefsnavel

De zeefsnavel komt voor bij planktoneters. Dit zijn kleine diertjes en plantjes in het water. De zeefsnavel is breed en plat. Met de zeefsnavel wordt het wateroppervlak afgeslobberd naar voedsel en een paar voorbeelden daarvan zijn de wilde eend en de slobeend en de ganzen.

Er zijn ook nog enkele andere snavelvormen zoals de dolksnavel. Deze vogels zoals de reiger, ooievaar en de ijsvogel  zijn gespecialiseerd in het vangen van specifiek voedsel zoals vis en  amfibieën.  Iedereen ziet wel eens de reiger geduldig wachtend aan de kant van de sloot staan of als je geluk hebt de ijsvogel die een visje aan zijn snavel spietst. 

Info  Harrie Hegge. h.hegge1@chello.nl

Vogelwerkgroep IVN Cranendonck