Personeel stadswerf solidair met kopers van mezenkastjes

HAMONT-ACHEL – Ook al is het nog hartje-winter, de stad Hamont-Achel kijkt alweer vooruit naar de komende zomer. Al verschillende jaren zijn veel eiken behebt met de eikenprocessierups. Met hun duizenden brandhaartjes bezorgen ze menigeen veel overlast en dus moeten de diertjes bestreden worden. Personeel van de stadswerf helpt mee.

Tekst en foto Evert Meijs

Stefan Verhoeven, stadswerfleider, laat weten erg enthousiast te zijn over het initiatief van enkele collega’s. Stefan:  “Via de stad kunnen inwoners preventief vogelkastjes bestellen. Er zijn er al 250 verkocht. Enkele medewerkers kwamen op het idee om óók mezenkastjes te gaan plaatsen, evenveel als het aantal dat de inwoners kochten.” Harry Bekaert, ook van de werf, vertelt dat de voorbereidingen in volle gang zijn om hun 250 kastjes een plekje te geven, te beginnen bij de Militaire Dijk. “Ons initiatief werd besproken op de werf en de stad steunde het idee door een financiële bijdrage. Zodra het weer het toelaat, komt de hoogwerker en worden de mezenkastjes opgehangen.” 

Sil Janssen

“Die nestkastjes worden hier in het Natuurhulpcentrum vervaardigd”, aldus Sil Janssen, directeur van het Natuurhulpcentrum vzw in Opglabbeek. “Ze worden op ons opvangcentrum gemaakt door een mix van medewerkers (vrijwilligers en personeel), aangevuld met mensen die een taakstraf uitvoeren, mensen met een beperking en soms ook mensen met een drugsverleden. Het hout komt van duurzaam beheerde Europese bossen.”

De mezenkastjes kostten de inwoners vijf euro per stuk en zijn afgelopen week opgehaald aan de stadswerf. “De kleine winst die het Natuurhulpcentrum op deze producten maakt, gebruiken we om hulpbehoevende wilde dieren in het Natuurhulpcentrum te verzorgen”, aldus Janssen, die wijd en zijd bekend is vanwege het dierenopvangcentrum.

Proteïnebommetjes

Op de vraag hoe de kastjes het beste opgehangen kunnen worden, adviseert hij: “Ophangen best met de opening naar het oosten op een hoogte van drie meter. Wat hoger en wat lager mag ook natuurlijk.” Naast de koolmees eten trouwens ook de pimpelmees, de spreeuw, de zwarte mees, de glanskop, de matkop, de boomklever, de boomkruiper en de grauwe vliegenvanger graag processierupsen. De rupsen zijn kleine proteïnebommetjes en dat is precies wat jonge koolmezen in hun nest hard nodig hebben. De jonge rups is bovendien een gemakkelijk prooi omdat er nog geen brandhaartjes aanwezig zijn. Door deze duurzame manier van bestrijden hoopt de stad de eventuele overlast de komende zomer vóór te blijven. Chapeau voor het personeel van de stadswerf Hamont-Achel.