Louis Smulders laatste actieve valkenier van Valkenswaard?

VALKENSWAARD – Samen met twee fretten, een havik, twee harrishawks en een hond beoefent Louis Smulders uit Borkel de hobby van valkenier en havikier. De Valkenswaardenaar is bovendien nauw betrokken bij allerlei instanties die iets over deze vogels vinden. Maar hij lijkt de tijd ondanks zijn enorme enthousiasme en vakkennis een beetje tegen te hebben.

Tekst en foto: Evert Meijs

Vanuit de kamer krijg je gratis een uitzicht op weidevelden terwijl op de binnenplaats een havik op een hoge ring staat. “Dat noemen we volgens de oude benaming een sprenkel. Deze havik heeft zijn eerste prooi geslagen, daar ben ik apetrots op.” Louis pakt na koffie zijn telefoon en laat de foto zien waarop de havik een konijn beet heeft. De gediplomeerde valkenier begint de ontmoeting met te vertellen dat hij het druk heeft met de aanstaande uitspraak van de rechter. “Ik zit in verschillende werkgroepen voor de valkerij. Er is nu veel commotie over de vraag wanneer er voor de dieren sprake is van welzijn. Weet jij het?” 

Havik aan een riempje

Louis: “Ik wil graag valkenier zijn zoals dat vroeger ging. Wij willen onze vogels houden zoals Karel Mollen en Adriaan Mollen dat vroeger deden. Maar we zijn vergeten dat alles veranderd is. Een varken kun je ook niet meer houden zoals vroeger. Dat gaat niet meer. Zo mag je tegenwoordig een dier eigenlijk niet meer aanlijnen, want dan beperk je het in zijn vrijheid, is steeds meer de teneur. Voor een hond vindt men dat overigens best.” Volgens Louis is de grootste vijand de mens die onze vogels ziet als mensen, met dezelfde gevoelens en alles. Deze havik zit ook aan een riempje. En wat zeggen nu enkele boa’s in het westen van ons land tegen roofvogelhouders en valkeniers? Zij is geketend! Dat is slavernij! Maar dat ik mijn havik aanbind, is voor haar eigen veiligheid. Ik heb een mooie kooi gebouwd, maar als ik haar daar los in zet, vliegt ze zich dood vanwege de enorme startsnelheid bij het vliegen. De vereniging gaat nu kijken op grond waarvan die boa een overtreding constateert. Dat speelt nu.” 

Zeer sociaal

Dan gaat het over de dagelijkse passie van Louis in Borkel. Op de vraag waaraan je de havik herkent, zegt hij: “Haviken zijn ontzettend schuw. Er kan nauwelijks mee gewandeld worden. Bovendien eet het havikvrouwtje na de paring het mannetje op. Daarom werken wij met kunstmatige inseminatie. Ik heb al te veel mannetje verspeeld.” Er wonen aan de Sportparkdreef ook twee harrishawks, soms ook woestijnbuizerds genoemd. “Het mooie daarvan is dat ze zeer sociaal zijn. Die trekken met elkaar op, in tegenstelling tot de havik. Ze jagen ook samen.” Intussen springt de Finse havik enkele malen naar beneden en weer naar boven. Het belletje aan één van haar poten rinkelt gezellig. “Als ik in het veld de havik niet meer zie, tijdens het jagen, hoor ik nog wel het belletje rinkelen.” 

Handschoen

In twee buitenkooien zit een koppel harrishawks apart. Ook met een riempje aan de poot. Valkenier Louis stapt binnen met een grote handschoen aan zijn linkerhand. De vogel wappert wat met zijn vleugels. Korte tijd later is er rust bij de vogel en laat hij zich gevoeglijk bewonderen. In tussentijd kijkt de Engelse jachthond toe en is duidelijk gewend aan de vogels van Louis. Een indrukwekkend gezicht om de roofvogel, met zijn scherpe snavel, felle ogen en scherpe klauwen van zo dichtbij te kunnen zien.

Twee fretten

Over de jacht weet Louis op intrigerende wijze te vertellen. Hoe jaag je met een havik? “Simpel gezegd: de hond jaagt het konijn op. Het konijn is zo slim om in een hol te schieten. Dan heb ik een fretje, dat zet ik in de pijp zodat het konijn weer tevoorschijn komt. Dan is het de beurt aan de havik om de prooi te grijpen. Wie het meest fit is, wint de strijd.” In een kooi zitten twee fretten die nieuwsgierig naar buiten kijken. Als het deurtje wordt geopend, komen ze op de drempel zitten, in de hoop mee te mogen gaan jagen.

Feeling, volgens de frater

Louis begint rond zijn vijfentwintigste aan deze fascinerende hobby. “Ik ontdekte dat er enkele eeuwen geleden een valkenier was met mijn achternaam. Toen ben ik gaan zoeken, maar hij bleek geen familie. In die tijd revalideerde ik vogels zoals torenvalken die uit het nest gevallen waren. Door een vergunning mocht ik die dieren verzorgen. Een Eindhovense frater zocht mij op en bood aan mij onder zijn hoede te nemen omdat ik volgens hem feeling had.” Daardoor ontmoet Louis valkeniers, loopt stage, volgt opleidingen en wordt gediplomeerd valkenier. 

In het seizoen gaat hij drie keer per week enkele uren jagen. “Op dit moment zijn er weinig konijnen en daardoor ga ik wandelen. Het seizoen is van eind oktober tot begin januari. Als de grond is bedekt met sneeuw, dan jagen we niet. Elke dag ga ik ’n uur wandelen, met de hond erbij.”

Historische optocht

Dat Louis zijn hobby ook in historisch perspectief zet, blijkt wel uit het kleine museumpje, zijn valkenkamer of, zoals op de deur staat, Sala del Falconiere. Hierin staan enkele opgezette vogels, kapjes die over het hoofdje getrokken worden, trofeeën en noem maar op. Louis is één van de ongeveer zestig nog actieve valkeniers in ons land en is verbonden aan het Nederlands Overleg Valkeniers Organisaties en aan de Orde der Nederlandse Valkeniers.

Hij adviseert enkele collega’s in Italië en gaat regelmatig naar Milaan en Florence. “Ik liep daar als valkenier mee in een historische optocht en werd ontvangen door de kardinaal. Daar zie je nog duidelijk het historisch besef voor de valkerij.”  

’s Avonds zit de havik regelmatig binnen op een speciale sprenkel aan de eettafel en kijkt mee naar de televisie.