Quercus robur 

In ‘HAC’ ons populairste weekblad verscheen op vrijdag 21 mei jl. het artikel ‘Kerkfabriek Hamont restaureert kapel De Haart’. Deze kapel, toegewijd aan O L Vrouw van Banneux, kwam er in 1952 op initiatief van de Haarter buurtgemeenschap, als een dankbetuiging uit het oorlogsverleden van WOII. In de herfst van 2019 schreef ik al eens een kritische column over de hachelijke toestand van ‘Het Hoarter Kapelleke’.

Aanleiding voor dit pamflet waren de frustraties van de plaatselijke goegemeente over de verloedering van en om het bedehuis. Inspecties met evaluaties, gedetailleerd uitgevoerd door Monumentenwacht Limburg, logen er toen al niet om. In prelude hoor ik nu nog een toeverlaat neuriën: “Wie gèt dê betoalen…?” Mogelijke subsidies susten toen de gemoederen. Maar de financiële zorgen sudderden toch na, tot de Kerkfabriek Hamont, de stad Hamont-Achel en de provincie Limburg de handen in elkaar sloegen. Gelukkig ontfermt zich het huidige ‘meersporenbeleid’ over dit erfgoedje. 

Zelfs het plantsoen rondom het ‘Haarter Kapelletje’ staat al jaren ter discussie. Buurtbewoners en bezoekers ergeren zich vooral aan een zomereik, een knoert die alsmaar hoger, breder, omvangrijker wordt. Die ‘quercus robur’ steelt licht, beschadigt dak en kruis, duwt buiten klinkers en binnen plavuizen uit hun bed en verzamelt processierupsen. Logisch dat dan Jan-met-de-pet en Mia-met-het-regenkapje reageren: “Umdoen dien boewm of snuien tot obbe stam.” Op zijn minst kandelaren dus! Maar met Elsschot mijmeren we: “Tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren en ook weemoedigheid”.En – in dit geval – ook ambtenaren! In Hamont-Achel, dus ook in de Kapelstraat en op de Haart, bepalen een soort eigengereidheden van één of enkele balsturige groenvinken ge- en verboden. Het groeien of vellen van eender welke boom moet voorbij hun fiat. Geen lievemoederen van wie of wat dan ook helpt hieraan. Eigen gelijk tiranniseert algemeen gelijk! “Aziejnpisser…!’ Ik…? Bizar hoe potten ketels verwijten dat ze zwart – desgevallend groen – zien. 

Gelukkig zijn er ‘groene jongens’ met het groen van lentegras; jammerlijk zijn er ook ‘groene jongens’ met het groen van opgerispt gal… 

(Harry Beks – Hamont, zaterdag 29.05.19)