Merels

De merel is de meest algemene en een van de bekendste vogels van ons land. Helaas is de merel in steeds minder tuinen te zien. Daar zijn een aantal redenen voor. Zo waart sinds 2016 het usutuvirus rond dat de merelziekte veroorzaakt. Het virus reist met muggen mee uit Afrika. Door de warme nazomers zijn muggen lang actief en daarmee blijft het virus zich verspreiden. 

Een andere oorzaak voor het verdwijnen van de merels heeft met het klimaat te maken want door de warmere winters hebben merels uit het noorden minder behoefte om ons land op te zoeken. En omdat de nesten vaak makkelijk te vinden zijn, waardoor veel eieren en jongen aan katten en kraaien ten prooi vallen. Ondanks die verliezen zijn de merels nog redelijk talrijk, ze compenseren dit natuurlijke verlies door veel jongen groot te brengen.

Desondanks werden er vorig jaar, in de Nederlandse tuinen gelukkig nog 98.063 merels geteld. Merels eten hoofdzakelijk regenwormen en slakken en in het najaar staan ook bessen op de menu. Al luisterend en kijkend voedsel zoeken, kost tijd en concentratie. Om aan een snelle hap te geraken, hebben merels een aantal slimme trucjes bedacht. Ze trippelen hevig in het gras waardoor de wormen de trillingen voelen, onbewust is de reactie van de wormen dat er een mol aankomt of dat het regent en komen hierdoor naar boven, recht de bek van de merel in. Ook aan een molshoop wachten merels vluchtende regenwormen wel eens op.

De merelman brengt in het voorjaar een fraai lied ten gehore vanaf een hoge plek en trekt hiermee de aandacht van een vrouwtje en vooral de kleur van de snavel waar dat lied uitkomt, interesseert haar. Hoe feller oranje, hoe sneller haar hart gaat slaan. De kleur weerspiegelt zijn gezondheid. Intens oranje betekent dus een prima vader in spe. Carotenoïden, afkomstig uit het voedsel zorgen voor de kleur en spelen een rol in het immuunsysteem. Een valer gele snavel toont zo dat de merel in een gezondheidsdipje zit. In die periode spelen de carotenoïden meer een rol in het immuunsysteem en blijft er minder over voor de snavel. Eenmaal aangesterkt, kleurt de snavel weer mooi oranje. 

Merels hebben twee of drie nesten per jaar en al vroeg in het voorjaar kondigen ze het naderende broedseizoen aan, vaak boven in een boom of op het dak.

Kenmerkend voor de mannetjes is hun melodieuze gezang en ook de alarmroep is onmiskenbaar, zodra er gevaar dreigt in de vorm van een kat, ekster of roofvogel, schetteren zowel vader als moeder het uit. Ze deinzen er bovendien niet voor terug om hun kroost te beschermen door middel van duikvluchten boven de indringer. Merels hebben twee of drie nesten per jaar. 

De merelkuikens zijn donzig en bruin tot ze in de herfst hun volwassen verenkleed ontwikkelen. Als de kuikens na twee weken uitvliegen, is moeder vaak al bezig aan een tweede leg. Vader voedt ondertussen de kleintjes in het veld op. Op die manier kan een merelkoppeltje tot wel twintig mereljongen per jaar grootbrengen. Daarmee is de merel de talrijkste broedvogel van ons land. Dat is ook wel nodig om de populatie in stand te houden. Gemiddeld wordt een merel twee tot drie jaar oud, maar geluksvogels kunnen wel tien jaar of ouder worden. Merels zijn standvogels in ons land en overwinteren in principe hier, niet ver van waar ze zijn geboren. Het kan dus goed zijn dat je meerdere generaties ziet opgroeien in jouw tuin. 

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Foto en tekst Jan de Bruijn.