Koninklijke Fanfare De Eendracht vindt de groepsgeest heel belangrijk

HAMONT-LO – Zowel de fanfare als de drumband en de majorettes van De Eendracht hebben de draad weer opgepakt en bereiden zich voor op de komende activiteiten van hun muzikale agenda. Voorzitter Theo Renckens is positief ingesteld over de toekomst van zijn vereniging en hoopt bovendien op nieuwe leden.

Tekst en beeld Evert Meijs

Het is donker op ’t Lo als op een dinsdagavond achter de kerk de fanfare aan het repeteren is. De deuren van het repetitielokaal aan de Leeuwerikstraat staan open en de vrolijke klanken dwarrelen over de parkeerplaats. Door de deuropening is te zien dat dirigent Raf Janssen geconcentreerd bezig is met een mooi stuk voor de koperblazers. Eenmaal binnen blijkt voorzitter Renckens aanwezig als toeschouwer en luisteraar, terwijl de dirigent regelmatig opmerkingen maakt over het stuk waar de muzikanten mee bezig zijn. Op een grote trom ligt de muziekpartij van Happy days are here again, aan de muur de muzieknoten van Vrolijke vrolijke vrienden en aan een kapstok hangt een aantal uniformen: rode jasjes met witte bef en wit rokje. Opvallend is dat tussen de dertien muzikanten evenzoveel lege stoelen staan.

Archivaris

Theo Renckens: “Een aantal van onze leden is student en zit op kot. Vandaar die lege stoelen. Gelukkig oefenen verschillenden van hen door de week toch op hun instrument, en af en toe lassen we een extra repetitie in tijdens het weekend, zodat ook zij in de grote groep kunnen meespelen.” Om niet te veel te storen gaat het gesprek verder in een magazijnruimte, waar allerlei hulpmiddelen hangen van de drumband. Op de grond enkele grote ketels. “Die zijn voor de spaghetti-afhaal 2021. Graag hadden we iedereen ontvangen zoals voorheen: hier lekker eten en drinken, maar dit jaar is dat nog niet mogelijk. Hopelijk volgend jaar wel.” Dan komt Jef binnen, de paukenist en nestor van de fanfare. Hij gaat via een trap naar een andere magazijnruimte boven. “Jef is onze archivaris en zorgt ervoor dat alle muziek keurig opgeborgen wordt.”

Op de vraag hoe nieuwe leden worden klaargestoomd voor het blaasorkest, vertelt Theo over een eigen muziekschool van De Eendracht, die ze samen runt met het muziekgezelschap van Hamont, Budel en Budel-Schoot. “Daar zitten nu acht leerlingen op en zij krijgen notenleer. Na drie jaar kunnen ze hun partij gaan meeblazen in de fanfare. Voor de drumband is de notenleer niet noodzakelijk, maar wel handig.” Aan de muur hangen de stafjes die de majorettes gebruiken om er extra sier mee te maken. “Hun aantal is de laatste jaren flink geslonken; we hopen hiervoor nieuwe aanwas te krijgen. De contributie is extra laag voor de jeugd, dus dat hoeft geen belemmering te zijn.” De voorzitter benadrukt dat de vereniging geen muziekgezelschap is dat naar concoursen gaat en zo veel mogelijk punten wil scoren tijdens wedstrijden. “Onze trommelaars en blazers komen voor de gezelligheid bijeen, vinden de jaarlijkse barbecue en het Ceciliafeest ook zeer belangrijk, maar komen natuurlijk vooral om goede muziek te maken. We vinden de groepsgeest heel belangrijk.” De Eendracht is geen concerterende maar een marcherende vereniging en laat zich regelmatig op straat zien.

Geen tamboer maar trommelaar

Twee dagen later staan dertien ándere leden van ‘de Koninklijke’ op een rij: de drumband. Twee zijn er op kot. Onder bezielende leiding van instructeur en dirigent Domien Palmans slaan de dames en heren op diverse soorten en modellen trommen. Geconcentreerd kijken ze dan weer op hun muziekpapier, dan weer naar de drumbandleider, die tussendoor enkele instructies geeft terwijl hij zelf twee trommelstokken hanteert. “Pas op, hè, de trommelaars moeten alle muziek straks van buiten kennen; zij hebben geen muziekstandaard op hun slaginstrument”, zegt Theo Renckens, die ook nu weer aanwezig is in zijn rol als voorzitter van De Eendracht. Even later is er een korte pauze en verstrekt de praeses vanachter een barretje de nodige frisdrank aan de leden. “Wij spreken van trommelaars. Het woord tamboers is wat ouderwets”, zegt Palmans, die lekkere chocolaatjes en ander snoep presenteert. 

Terwijl de trommelaars gezellig babbelen legt Domien Palmans op rustige toon uit dat het een drukke tijd wordt voor de drumband. De groep presenteert zich straks bij de Show- en Marswedstrijden zowel tijdens de taptoe, als met de wedstrijden. “Ze treden wel zeven keer op tijdens die drie dagen. Daar zijn we erg fier op. Zodra ons optreden in Hamont begint gaat het publiek recht staan en roept “Alléz, ’t Lo!!”. Op de vraag wat hem drijft om elke week weer vanuit Hechtel naar ’t Lo te komen om muziek te maken met de jongelui, zegt hij: “Dat houdt me jong. Bovendien trommel ikzelf dit jaar al 58 jaar.” Had de instructeur in het verleden meerdere drumbands onder zijn hoede, nu is De Eendracht het enige korps dat hij leidt. “De meeste drumbands bestaan niet meer, alleen nog Lille, Hamont en Lommel. Vroeger had iedere fanfare twee korpsen, zoals wij. Maar in België menen ze dat ze allemaal op hun gat moeten zitten om concerten te geven. Daar zijn ze wel heel goed in, maar jammer dat muziekscholen het straatgebeuren nauwelijks promoten.” 

35 en 45 jaar lid

Nog even geeft Domien Palmans een inkijkje in het notenschrift van de bongo’s, de doffe en de scherpe trommen en de vier verschillende bassen. Voor de trommelaars loopt de pauze bijna ten einde. “Ik ben trommelaar omdat ik het graag doe en omdat de onderlinge sfeer heel goed is”, zegt een dame, “anders blijf je geen 35 en 45 jaar lid, hè.” De goede geest is duidelijk merkbaar. Op de vraag wanneer je een kleiner of een groter instrument krijgt toegewezen, zegt een ander lid: “Hoe beter ge trommelt hoe groter de trommel is”, en iedereen moet hartelijk lachen. Elk jaar vindt een herschikking plaats van de instrumenten en kan men wisselen van trom. Dan bespreekt de dirigent nog enkele huishoudelijke zaken en vervolgens neemt iedereen weer zijn plek in achter zijn of haar slaginstrument.

Binnenkort gaan de trommelaars naar een proefbijeenkomst in Buggenhout. Op deze toonbijeenkomst krijgt de drumband een oordeel over de kwaliteit van hun muzieknummers, zonder daarbij punten te krijgen. Op vijf maart a.s. is De Eendracht te horen tijdens een concert in De Walburg. De inkom is gratis. En het optreden tijdens de Mars- en Showwedstrijden vindt plaats met Pinksteren. Tenslotte doet de voorzitter nog een serieuze oproep voor nieuwe bestuursleden en muzikanten / trommelaars. “We kunnen ze heel goed gebruiken.”