Meterkastje

Soms word ik wakker ’s morgens en dan heb ik zo’n verschrikkelijke zin, ja echt zo’n verschrikkelijke zin om de binnenkant van het meterkastje van de elektriciteit een goede beurt te geven, dat ik werkelijk niet kan wachten om op te staan en me aan te kleden, zo erg graag wil ik dat kastje van binnen eens lekker uitsoppen. Maar blij dat ik dat toch nog nooit gedaan heb. Ik heb me altijd weten te beheersen. Daar kwam die man van Fluvius ook achter toen hij van de week mijn elektriciteitskastje van binnen kwam vervangen. De man, een vriendelijk uitziende jongeman die zich voorstelde als Hassan met echte puppyogen en krullend zwart haar stond geduldig bij mij voor de deur toen ik aan kwam gereden, terug van de hondenuitlaat. Hij kwam naar het elektriciteitmeterkastje kijken. Ik dacht dat Fluvius van de waterleiding was, want Fluvius betekent rivier. Maar rivier is ook een stroom, dus daar zal het wel van komen. Heel verwarrend, maar ik betaal ze allebei toch automatisch. Hoe dan ook, bijna een uur later nadat er een hoop gebonk en gezaag en geboor en getril uit het gangetje naast de voordeur had geklonken en de Fluvius er bijna een half uur van af was gehaald, zodat ik ook weer eens geen internet had,  was de man klaar en stak zijn puppyhoofd om de deur. Of ik een borsteltje had om alles op te vegen want hij had nogal geknoeid bij de voordeur en op de trap. Ja, lachte hij, want binnenin was het ook nogal niet erg schoon. En dat terwijl hij gezaagd en geboord had, en het zaagsel overal op de grond lag, kregen die paar armzalige vlokken en spinnenwebben van mij de schuld. Ik gaf hem handveger en blik. Intussen deed ik het deurtje van het kastje dicht want dat stond nog open. Maar dat ging niet dicht. ‘Hé,’ zei ik, ‘het deurtje gaat niet meer dicht.’ En ik keek hem verbaasd aan. Inmiddels had de man zich opgericht van zijn bezigheden op de vloer en zei: ‘Nee, de nieuwe elektriciteitsmeter (of -unit, weet ik wat hij zei) steekt iets meer uit, dat is bij de meeste mensen zo.’ Ik zei, ‘dat is toch belachelijk! Kan dat ding niet meer dicht, het deurtje staat ver open en knal ik er iedere keer als ik de trap op of af ga en ik let even niet op, tegenop.’ ‘Ja,’ zei de man, ‘dat is overal zo. Kijk, dat komt hierdoor.’ En hij wees op een uitsteeksel in het nieuwe elektroding dat zo ver naar voren kwam dat het deurtje niet meer sloot. ‘Waar het door komt zal me worst wezen, dat deurtje moet dicht kunnen anders gebeuren er ongelukken.’ ‘U kunt er een latje tussen zetten, deurtje eraf halen, latje dus tussen zetten en daar het deurtje weer op plaatsen, dan gaat het dicht. Het is maar een paar centimeter.’ Ik begon schril te lachen. De mensen die mij kennen hebben dat in weten te schatten als een gevaarlijke situatie. ‘Zie je mij dat al doen, puppy,’ zei ik. ‘Ik ben een alleenwonende vrouw, zonder boormachine en centrifuge, ik weet van niets, ik hang nog gewoon de was buiten.’ ‘Dat is overal zo,’ herhaalde puppy koppig, ‘ze doen het allemaal met een latje.’ Nou snap ik waarom ze bij Fluvius de werknemers met het hoogste aaibaarheidsgehalte voor dit soort klussen op pad sturen. Ze zorgen niet eens voor passende kastjes en komen ermee weg. Althans bij mij. Ik, watje. En wij maar betalen. Het kastje staat open met een hoek van 80 graden. In een wet uit 1953 staat dat de kastjes dicht moeten, dat er hooguit een opening met een hoek van 23 graden getolereerd wordt. Als ze bij u nog moeten komen bent u gewaarschuwd! En niet aaien die puppy’s!

Reageren? Graag!  Dat kan via mail [email protected]