Taxus

Je kent hem vast wel de Taxus. Het is een grote struik of boom met donkergroene naalden en wordt veel als haag gebruikt. Soms hangen er rode besjes aan. Ze groeien bijna overal ter wereld. Door hun stevige lange naalden en langzame groeiwijze kunnen ze goed tegen de kou. Ze worden makkelijk 500 jaar oud! In Nederland herken je ze goed, omdat ze in de in de wintergroen blijven. Vroeger werden ze dan ook gezien als de boom van het leven. Maar, het is ook de boom des doods.

De Taxus is namelijk heel giftig, de bast is giftig, de bladeren zijn giftig, zelfs het stuifmeel is giftig. 

Het woord toxisch (een ander woord voor giftig) is zelfs genoemd naar de Taxus. Als je ervan eet, kan je gaan trillen, moeilijk ademhalen, een versnelde hartslag krijgen, flauwvallen of zelfs doodgaan. Er worden wel eens planteneters, zoals paarden, dood gevonden onder een Taxus, alles is giftig aan de plant, ook de besjes.

Vogels hebben geen last van het gif. Zij poepen hun eten heel snel uit. Zo snel, dat het zaad er heel uitkomt. Vogels genieten van de besjes en verspreiden de zaden al poepend over grote afstanden. Taxus besjes zijn eigenlijk geen besjes, maar enorm opgezwollen zaadmantels. Als het zaad rijpt groeit de mantel eromheen en wordt rood. Bij een echte bes begint de vrucht als bloesem. Taxus groeit heel langzaam, daardoor is het hout hard, maar het is ook flexibel en staat bekend als prima hout om bogen van te maken. Taxus betekent ook bogenboom, toxo is boog in het Grieks. Soms kunnen giftige planten ook voorzichtig als medicijn gebruikt worden, zo ook de Taxus. In de jaren 60 is ontdekt dat in de boom een bepaalde stof zit die tegen kanker werkt. De jonge scheuten van Taxus bevatten een belangrijke stof die door de farmaceutische industrie kan worden ingezet in de strijd tegen kanker. Deze stof, bekend onder de naam Baccatine, remt de deling van kankercellen en is daardoor een belangrijk onderdeel voor het maken van chemotherapie.

Deze onopvallende boom is al duizenden jaren belangrijk geweest. De Taxus is levensgevaarlijk en levensreddend!

 Foto en tekst Jan de Bruijn.