Sint-Antoniusprocessie

Zondag 19 juni, mag, kan het weer: met het beeldje van Antonius door Achel zeulen. Twee jaar lang werd de processie door corona gefnuikt. Maar dit jaar zal de geliefde volksheilige, de ‘kleine’ Sint Antonius van Padua, die met de ezel en peuter Jezus op zijn arm, opnieuw door feestelijk versierde straten worden getorst. In de namiddag volgt nog een druk bijgewoond volks dorpsfeest tot in de late vroege uurtjes.

Bij katholieke gelovigen is Sint Antonius geliefd tot – om het werelds tot heidens uit te drukken – populair. Als een schutspatroon van de franciscanen, vrouwen, kinderen, armen, bakkers, mijnwerkers, reizigers, schipbreukelingen, verliefden en gehuwden was (is) Sint Antonius bij roomse gelovigen een van de meest vereerde heiligen. Hij werd (wordt) vaak aanroepen bij pest, koorts en verloren voorwerpen. Ooit hoorde ik mijn moeder ootmoedig bidden: “Antonius, heilige sint, zurg dê ich miene bril…, miene portemenee…, de oewg van mien nul…, miene sleutel…, mien hoop…, miene(e)… trug vind…” 

In 1978 werd de gewijde stoet in een nieuw en fris concept gestoken. Verschillende taferelen kaderden de figuur en het leven van Antonius als: ‘Kindervriend’, ‘Leraar’, ‘Missionaris’, ‘Weldoener’, enz. De oudste kleuters liepen mee als ‘Bellemennekes’ of strooiden bloemen, ouderen droegen teksten. Nog vele andere groepen vulden in de loop der jaren de optocht aan. De eerste jaren van die ‘moderne look’ wandelde ik ook mee als ‘Antonius de kindervriend’ tussen de ‘eerste communicantjes’. 

Uit die tijd ook stamt de onderstaande anekdote. De Antoniussen kleedden zich om in de lagere school aan de Pastoor Bungenerslaan. Voor iedere Antonius lag er een op maat genaaide bruine monnikspij met een bijbehorende witte touw klaar. Maar ooit ontbrak er één minderbroederhabijt. Dat jaar heb ik mijn pij nederig afgestaan en nooit nog teruggeëist. Even later vond ik mijn dubbelgang(st)er terug. Een onbekende sjarel! “Eèrges oet de Vlanders,” wist ‘Antonius, de missionaris’. En trance, de blik op oneindig, de handen gevouwen schreed die vrome vreemdeling biddend mee tussen ‘mijn eerste communicantjes’. Gerechtigheid…? Daar en toen was plaats noch tijd voor gekissebis. Na de processie leek de onbekende Antonius in lucht of licht te zijn opgegaan. Later bleek de verdwenen bedevaarder gevlucht uit een tehuis voor schizofrene patiënten. Op de feestavond verkondigde E. H. A. Claassen, gewijde beschermheer van het Sint-Antonius-comité, met volle overtuiging: “Dien Antonius is d’n ienige èchten, rèècht van hieboven, rèècht oet den hemel…!”

Joan of Klös (voor de…) nam, als amateurhistoricus, wel vaker zijn fantasie voor realiteit…!

Archieffoto Frank Emmers

(Harrie Beks – Hamont, zaterdag 11.06.22)