Plaza Mayor in Burgos

Het is woensdagavond in Burgos. Deze keer niet vroeg naar bed: morgen een rustdag. Een lekker avondzonnetje schijnt over het voornaamste stadsplein: het Plaza Mayor, in hartje-stad. Ik zit op een terras voor een goed avondmaal. Het grote plein is omgeven met pastelkleurige gebouwen die allemaal minstens drie verdiepingen hebben. De deuren op de etages hebben vaak een piepklein balkonnetje, voorzien van een hekje, waar nog net enkele bloempotten kunnen staan. Eén gebouw valt uit de toon. Het is het Casa Consistorial, het huis van de Kerkeraad. Op het dak ervan vier klokken die zich elk kwartier laten horen. De gevel is niet geschilderd, maar naturel.

Op het plein zijn de nodige terrasjes en die geven een mediterrane indruk. Vooral ook door de platanen, die in het Spaans Platano de Sombra, ofwel Schaduwboom wordt genoemd. 

Jong en oud flaneert over de plaza. De jeugd vaak schaars gekleed. Ouderen hebben een mondkapje op of dragen het aan hun elleboog. Intussen verschijnt een brutale mus op de rand van mijn stoel en hoopt iets mee te kunnen pikken. Voor me staat een net iets te dikke man te telefoneren. Ik versta er geen snars van. 

Rollend materieel komt ook langs. Een oudere heer in een bijna vierkanten scootmobiel. Een enkele terreinbike zie ik en zo nu en dan duwt een jonge vader wat nonchalant een wandelwagen vooruit. Een dame op een elektrische step snelt voorbij met ook nog een kleuter op het plankje. Een oud echtpaar groet vriendelijk: hij draagt een soort spoorpet en zij een opvouwbaar zomerhoedje. Het is 19.30 u als de gemeentelijke diensten aantreden om alle vuilnisbakken op het plein te legen.

Jong en oud

Van de twee enorme zitbanken aan de rand wordt gretig gebruik gemaakt. Op de ene zitten uitsluitend pensionado’s, terwijl tientallen jongelui de andere bank als hangplek gebruiken. Plots steekt een taxi over, richting het standbeeld. De duiven maken rustig plaats voor het voertuig en dan maakt de vuilniswagen ‘n tweede ronde. De chauffeur draagt zijn mondkapje. Op het terras wordt het drukker en als ik mijn café-con-leche betaald heb, loop ik als toerist ook over het plein. Het is zeker nog 25 graden.

Intussen is Beate op het terras neergestreken. Zij is een Duitse pelgrim die ik de afgelopen weken al meermalen gesproken heb. Vanmorgen nog, bij het binnenkomen in Burgos. Met drie andere personen, beslist ook peregrino’s,  bestellen ze hun verteer.  

Op de daken, met van die holle en bolle dakpannen, staan nog diverse televisiemasten, zoals ze bij ons in het museum te vinden zijn. Enkele pieken van de prachtige kathedraal toornen boven wat oude daken uit.

De volgende ochtend, ik heb mijn derde rustdag van de camino, loop ik om 12.00 u nog eens terug, maar ga dan aan de overzijde, de noordkant, zitten. Meteen valt op dat de grote banken leeg zijn. Er wandelen allerlei mensen diagonaal over het plein. Bovendien staat er een grote groep toeristen die luistert naar de gids. Naast Casa Consistorial is een blauw-geel spandoek verschenen met de opdruk Burgos con Ukrania. Ook is er inmiddels een groot podium gebouwd voor een festival komend weekend. Een wandelaarster heeft op haar benen blauwe pleisters, ter ondersteuning van haar spieren. Ze loopt wat krakkemikkig. De zon schijnt heerlijk en ik besluit om mijn tweede kopje op een andere plaza te gaan nuttigen.

Achter me probeert een man in een groen hesje luidruchtig loten te verkopen. Zijn borst hangt vol kaartjes, en aan zijn heup bengelt een betaalautomaat, mocht je willen gokken voor één of andere jackpot.

Na een bezoek aan de Nicolaaskerk, het militair museum en een expositie over Don Quichotte, zie ik dat Plaza Mayor helemaal leeg is. Het is drie uur en veel winkels en andere gelegenheden zijn dicht. De lotenverkoper heeft plaatsgenomen in een piepklein stalletje en blijft maar roepen. 

Prachtig, om zo eens op je dooie gemak tweeduizend kilometer van huis het Hoofdplein van Burgos in ogenschouw te kunnen nemen. Morgen de draad weer oppakken, met bestemming Hornillos del Camino.

Door Evert Meijs