De verdwenen mijter (deel 2)

Bij ‘Mère supérieure…’, die ingehouden krachtterm – om niet te zeggen ‘geheiligde vloek’ – van Sint Nicolaas, flikkerde bij Nicodemus een alarmlichtje. De verloren mijter… De Opperpiet krabbelde iets in het dikke ‘Sinterklaasboek’, fluisterde wat in Sints oren en zette zijn idee kracht bij met magische mimiek en overtuigende gebaren van het ‘grote-gelijk’. De Sint luisterde, las, liplas en knikte. Zijn ogen klaarden op… 

Als een wervelwind verliet Piet de hemelse aula. In één ruk dook hij – recht-toe-recht-aan – naar de aarde, naar Hamont, naar Bosstraat nummer 6. Behoedzaam sloop hij krom gebogen het Integro woonzorgcentrum ‘Sint-Jan Berchmans’ binnen. Hier wachtte hij verdoken tot in de kapel het rozenhoedje begon en doorzocht dan stiekem het kamertje van Moeder Overste. En warempel, in een kast vond hij de bewuste mijter van Sinterklaas. Nicodemus herinnerde zich nog duidelijk die laatste tocht in 2021 door Vlaanderen. Die lange, vermoeidende reis door het land, door Limburg en uiteindelijk door Hamont-Achel eindigde in het Sint-Jan-Berchmans-tehuis. De moeder overste, de ‘Mère Supérieure’ van dat woonzorgcentrum (in sommige ‘rijpere’ Hamonter volksmond: ‘Bas Was van het Gesticht’)bood de bezadigde, heilige kindervriend Nicolaas, Griekse bisschop van Myra, een roemer van de betere ‘miswijn’ – zeggen en zwijgen: ‘Porto’ – aan. 

Tegen zijn gewoonte in dronk de dorstige Goedheiligman niet één, maar enkele glazen van het aangeboden, alcoholische ‘afzakkertje’. Gevolg? Van vermoeienis en aardse geneugten knikkebolde de Sint. Zijn hoofd zakte tot op de tafel, zijn mijter ‘trulde’ van zijn hoofd,dikke zweetdruppels borrelden parelend rond zijn neus. Hij snurkte bijwijlen als een wrattenzwijn en neuriede tussendoor ‘Wie zoet is, krijgt letters…’ opnieuw en opnieuw…! Moeder Overste, zuster Françoise, haastte zich, zorgend over alles, overal en altijd, zoals het een zuster Augustines betaamt, ook hier en ook toen, om Sints gezegende hoofddeksel veilig op te bergen in haar eigen linnenkast. Behoedzaam sloot ze het meubel… 

Die herinnering bracht Nicodemus terug naar de werkelijkheid, naar het specifieke heden van zijn opdracht: de mijter! Hij griste het ‘Kerkklokske’ van het bijzettafeltje om er het gewijde kleinood behoedzaam mee in te pakken. Sluiks verdween hij uit de nonnekescel, sloop geruisloos door een zijdeur van het WZC-cafetaria recht naar de hemelse voordeur. Sint Pieter hield hem al die tijd in de gaten en zette tijdig de hemelpoort op een kier. 

Pieterman werd met een staande ovatie en op koorgezang verwelkomd door alle engelen, heiligen en zaligen. In tranen van dankbaarheid en geluk zette Sinterklaas hem theatraal op zijn hoofd… Nee, niet Nicodemus, maar zijn mijter…! 

(Harrie Beks – Hamont, zondag 27.11.22)