“Onze oudste documenten zijn van 1435”

PELT – Op de bovenste verdieping van het gemeentehuis van Pelt, aan de Oude Markt 2, is het Genootschap voor Geschiedenis en Volkskunde Overpelt gevestigd. Een gelukzalige omgeving voor iedereen die van lokale en regionale geschiedenis houdt. En als je enkele heren van deze vereniging hoort spreken over hun passie, ben je meteen verkocht.

Tekst en beeld Evert Meijs

Vanaf het Onthaal van het gemeentehuis gaat secretaris-penningmeester Jos Boes mee met de lift naar boven. Daar lijkt het een beetje kruip door sluip door, terwijl Jos uitlegt “Wij zijn allemaal vrijwilligers, hè. Het is de moeite waard om dit werk in je vrijetijd te doen. Hier komen we in ons gemeentearchief en ook het archief van het Genootschap. Maar het grootste deel van ons archief is opgeslagen in Cultureel Centrum Palethe, 330 meter lang.” Op weg naar de werkruimte van het Genootschap loop je langs vele tientallen archiefkasten op wieltjes, die door middel van draaihendels te verplaatsen zijn. “Heel oud materiaal is in ons werklokaal te vinden.” In het lokaal staat centraal een werktafel. Magda en Mathieu uit Hamont-Achel zijn onderzoek aan het doen en hebben enkele oude boeken voor zich van wettelijke overdrachtsdocumenten, die destijds door de schepenbanken werden bekrachtigd. Ook Bèr Loos, fotograaf voor deze krant en voor het Genootschap, zit aan tafel.

Bijna de oudste kring

Aan een lange smalle werktafel tegen de wand zit Henri Naus, voorzitter van het Genootschap. Hij heeft een computerscherm voor zich. Jos installeert zich eveneens en in een lokaal kasten vol met boeken, paperassen en beeldjes, schildjes en zelfs een uniform ontspint zich een gesprek over wat nou eigenlijk precies het Genootschap voor de Geschiedenis en Volkskunde Overpelt is. “Het is géén naam die ík uitgevonden heb, hè. De naam is ontstaan in oktober 1955. Vier of vijf mensen hebben het Genootschap toen opgericht, met een parallel aan een heemkundige kring”, zo steekt Henri van wal. “We zijn één van de oudste in de omgeving. Heemkundige kringen werden pas courant in de jaren zeventig.” Enkele malen valt de naam van Frans van Winkel, conservator van Bokrijk, die o.a. met enkele geïnteresseerde leraren van de vakschool het Genootschap oprichtte. Hij werd de eerste voorzitter. Kwam de groep bijna wekelijks samen, later werd dat maandelijks. Na een korte periode van volledige stilte werd de groep weer opgestart met een vernieuwing van het aantal leden. Het oudste lid is op dit moment Giel / Guillaume Hendriks, bijna 93 jaar. 

Bloas

Het Genootschap bestaat uit een bestuur van vijf personen, plus enkele meewerkende leden en ‘consumerende’ leden. Het tweemaandelijkse contactblad met de naam De Pelter Bloas heeft ongeveer honderdveertig abonnees.. Waar die specifieke naam van het contactblad vandaan komt? Henri: “Rond 1700 moest er een nieuwe kerktoren komen. Eén groep wilde een rechte toren en een andere groep een blaas-toren; met een knop in de spits. De laatste groep won, maar Neerpelt was jaloers op ons en noemden ons de Pelter Bloas, omdat een bloaser ook een stoefer is, of een opschepper. Wij hebben die naam als geuzennaam aangenomen.” Was het blad aanvankelijk alleen bedoeld voor informatie voor de leden, langzamerhand is het veranderd naar een blad met alleen maar historische artikelen. Het periodiek wordt vooral gevuld met artikelen van hofleverancier Giel Hendriks

Allerlei archiefstukken

Omdat het Genootschap gehuisvest is in het gemeentehuis, prijst men zich gelukkig ook gebruik te mogen maken van de faciliteiten van het raadhuis, zoals elektriciteit, kopiëren, verwarming, gebruik van kasten en ander meubilair, en natuurlijk ook van het gemeente-archief, dat op dezelfde verdieping staat. “Zaten we eerst in de toren van het gemeentehuis, via via zijn we in dit lokaal terecht gekomen.” Henri spreekt zijn dankbaarheid uit richting gemeentebestuur van Pelt, en noemt de samenwerking uniek. “Onze computers zitten op het gemeentenetwerk, we hebben een microfilmlezer en bovendien een installatie voor het digitaal fotograferen van documenten.” Als het over de inhoud van het archief gaat, noemt voorzitter Henri enkele dossiers op: het volledige archief van de rantsoenering en ravitaillering van Wereldoorlog II, de complete wetgeving van Napoleon, van Overpelt Fabriek, maar ook van verenigingen als de fanfare, inclusief kostuums. “Maquettes bewaren  we, archieven van de kerkfabrieken, de kerkhovenadministratie, het Mariaziekenhuis en het oud-archief van de gemeente tot Wereldoorlog II, de burgerlijke stand, de gichten en noem maar op.” Secretaris Jos wijst op een uniform dat aan de kast hangt. “Het kostuum van een schutterij, een kruisboogvereniging”, zo klinkt het. 

Bèr vult het archief bijna wekelijks met digitale foto’s. “Vooral gebouwen en straatgevels, maar ook  gouden bruidsparen leg ik vast voor het archief en verschillende evenementen. Daarvoor zit ik heel veel op de fiets, maar gebruik ook de drone.” Intussen snuffelen Marga en Mathieu verder in de gichten. Wie er nog meer gebruik maken van het archief: “Alle vragen aan de gemeente over iets van vroeger, gaan rechtstreeks naar ons om het verder te bekijken en te beantwoorden. We houden ons wel strik aan de privacy-regels die gelden, zoals bij de bevolkingsregisters. Daar zit een sperperiode op van 120 jaar. Dus registers van ná 1900 mogen we niet ter beschikking stellen. Ook het foto-archief van het Mariaziekenhuis hebben wij in bewaring, maar dat mag niet geraadpleegd worden, zonder het vooraf te vragen.” Henri en zijn ploeg helpen vaak studenten met bijvoorbeeld stamboomonderzoek of notarissen die op zoek zijn naar nabestaanden. 

Hij wil op het einde graag nog kwijt dat iedereen toch zeker zo veel mogelijk waardevolle documenten bewaart. “Zet de stukken niet bij de container, breng ze dán liever naar hier en wij kijken of het de moeite waard is om ze toe te voegen aan ons archief”, en hij noemt o.a. bidprentjes, doodsbrieven of trouwboekjes. 

Om 11.30 u komt een einde aan de ontmoeting en gaat iedereen weer naar huis. Bèr: “De middag staat te wachten!” 

Heb jij ook vragen waarvan het antwoord mogelijk te vinden is in het archief? Mail gerust naar genootschap@gemeentepelt.be en als het enigszins kán, word je enthousiast vooruitgeholpen door mensen met passie. 

Foto vlnr Henri Naus, Bèr Loos, Jos Boes