Autokeuring

Proficiat, zei ik tegen mijn auto, je bent 4 jaar geworden, je mag naar de autokeuring. Ik praat tegen mijn auto omdat hij ook altijd tegen mij praat. Op de ongelukkigste tijden. Rijd ik naar de Ardeche in Frankrijk naar het vakantieadres, zegt hij in de buurt van Metz: ‘Las een rustpauze in’. Die tekst verschijnt dan op een schermpje voor mijn neus samen met een schrille piep en een plaatje van een kopje waaruit een warm walmpje stijgt. Waar bemoei je je mee, zeg ik dan terug en rij expres nog een kleine 100 km verder tot ik op de autoroute ben. Daar en nergens anders vindt de eerste stop plaats. Soms zegt hij: ‘pak het stuur met beide handen vast’ wederom vergezeld van een luide piep. Toen ik dat de eerste keer las was ik met stomheid geslagen. Ik hàd het stuur met beide handen vast. Lelijk ding! riep ik uit. Maar nu weet ik dat hij dat zegt als hij onder zijn wielen een streep van een wegdek voelt. Om mij te waarschuwen. Hij zegt het uit de goedheid zijns harten, of z’n motor of zoiets.’ Auto dicht bij’, zegt hij heel dikwijls. Ik word dan ingehaald en de inhaler draait dan dicht bij mij weer voor me langs op de rijbaan. Zenuwpees, roep ik ook wel ooit. Maar goed, ik had de kaart van de autokeuring al begin januari ontvangen dus ik was royaal 2 maanden over tijd toen ik afgelopen week toch maar eens naar Hechtel reed. Stonden toch een hoop wagens voor me. Als 10e ongeveer in de dubbele rij was ik toen er een man in oranje jas aan mijn raampje verscheen. Hij vroeg naar de autopapieren. Ik gaf hem alle mapjes en etuitjes die blijvend in een bocht verbogen in het voorvak geklemd hadden gezeten. De verzekering zat er niet bij. Die kon ik hem na wat digitaal gehannes gelukkig op mijn telefoon laten zien. Hij was tevreden. Hij mompelde nog enkele instructies die ik wegens doofheid en lawaai rond mij niet verstond en liep verder. Nadat ik ongeveer op de 5e plek stond zag ik in mijn achteruitkijkspiegel dat het klepje van de benzinetank open stond. Verdomd, ik keek rond en gelukkig stonden bij veel andere auto’s ook de klepjes open. Het zag er heel genant uit. Zo’n open klepje. Net zo’n idee alsof mijn auto bij de gynaecoloog stond. Ik vond dat heel pijnlijk voor hem. Sorry, mompelde ik tegen de auto, straks doen ze hem weer dicht. Toen ik aan de beurt was moest ik de auto voorzichtig over twee stroken voor de banden zetten en toen eruit. Wij rijden hem straks wel naar voren, je krijgt hem daarachter terug, ga daar maar even wachten, zeiden ze tegen me, niet onvriendelijk trouwens. Het waren geen bruten daar bij de keuring. Zoals waarschijnlijk iedere Belgische autobezitter weet, bestaat de keuring daarna uit drie fragmenten. Nadat ik eruit was werden de lampen en andere onderdelen gekeurd. Daarna kwam hij in de middelste keuringszone. Daar ging het er ruw aan toe, dat zag ik wel bij de mij voorgaande auto’s. Arme auto dacht ik, straks zul je ze voelen. Flink zijn, moedigde ik hem in gedachten aan. Ik stond bij de 3e en laatste keurpartij. Daarop ging de auto een meter of anderhalf de hoogte in en werd heftig op een neer bewogen. Lawaai erbij, gebrul en gegil van allerlei onderdelen. De banden werden heen en weer gepompt of zo. ‘Grote jongen, je kunt het!’ sprak ik hem in gedachten toe toen mijn auto aan de beurt was en ik hem machteloos op en neer zag schudden. Hij kermde. Toen werd zijn onderkant beproefd. Met enge voorwerpen werd er tegenaan gehengst. Ik keek bezorgd om mij heen. Ik wist niet dat het er zo verschrikkelijk aan toe ging. Dit was mijn auto zijn en ook mijn eerste keuring. Bij vorige auto’s had ik het altijd làten doen. Zat bij de kilometerbeurt van de garage inbegrepen met flink wat bijbetaling natuurlijk. Nee, zo’n keuring is geen grapje. Maar uiteindelijk was mijn auto goedgekeurd. Moest ook nog niet, ik zag hem nog steeds als nieuw. Ik had ook nog de twee matjes voor in de auto schoongemaakt want die zaten vol hondenuitlaatmodder van mijn schoenen. En de hondenplaats achterin een beetje schoongeveegd. De auto moet schoon aangeleverd worden, stond er op het keuringsbevel. Nou, schoner kon niet. In mijn optiek dan. Ze zeiden er niks van verder. Toen nog de kassa. Dat was ook flink kassa trouwens. Streng land dat België met zijn keuring. Maar wel met vriendelijke mensen erin. 

Ps: Complimenten voor de gemeente Hamont met zijn lange stroken witte crocusjes langs de uitgaande wegen. Ieder jaar weer een feest voor het oog! 

Reageren? Graag! Dat kan via guus.van.winkel@pandora.be