Vanmorgen zat ik bij mijn kapster in de stoel en er was verder niemand en intussen dat mijn haar de gewenste kleur aannam moest ik even wachten. Ik zette mijn brilletje op en wilde een dringend mailtje versturen. Naar Frankrijk, iets over een firma die mijn kapotte goot aldaar ging repareren en wat meer gegevens van mij wilde om mij een devis (offerte) te sturen. Ja, ik zal ter zake komen. Ik kreeg het mailtje niet weg. Ik mopperde wat en kutterde wat voor me uit. Wat is er, vroeg de kapster die na het insmeren van mijn grijze wortelen ook even niets te doen had. Krijg mailtje niet weg, zei ik. We praatten erover wat dat zou kunnen zijn, ik kreeg haar wachtwoord, mailtje ging nog niet weg. Dan moet je zus en zo doen, enfin een hele riedel en ze wees me op mijn telefoon aan wat ik allemaal moest doen. Enfin, ik stuntelen, hannesen en ze kon het niet meer aanzien: geef mij maar, zei ze en hup, friedel friedel frats en het was voor elkaar.
Zo kon ik dus bij de kapster terecht voor technische zaken op de telefoon. Zo heeft ook mijn dokter mij ooit kledingadvies gegeven en een winkelmeisje uit een modezaak vertelde me dat ze nooit verse kaas at, dat was heel slecht en ik moest dat ook maar niet doen. Mijn tuinman tenslotte liet zich ontvallen welke grassoorten ik moest eten om goed te kunnen poepen. Mooi, die nevenactiviteiten: ‘Electrische Oplossingen en Badadviezen’. Loodgieter BV, tevens darmstoornissen. (ligt nog niet zo ver uit elkaar) ‘Dierenspeciaalzaak en tandsteenverwijdering’. Autorijschool Javrons plus tweedehands steppen.’
Het was trouwens ongeveer een week of drie geleden dat we hier in ons straatje met doodlopend eind de glasvezellegging hadden. ’s Morgens om 7 uur werd ik door mijn honden wakker geblaft doordat er iemand om het huis liep op zoek naar de bel. Ik deed het raam open en vroeg de man in het gele hesje wat er was. Poort open, auto nu buiten zetten, zei hij en lachte vriendelijk. Oei, glad vergeten ik, natuurlijk. Mijn god, ik in peignoir naar buiten, poort open auto op buitenoprit. Een paar uur later wilde ik met mijn honden naar het bos met de auto, om ze uit te laten. Mijn straatfront was al voor een groot deel uitgebroken. Ik heb daar kinderkopjes liggen. Grote brokken. Ik kon wel bij de auto komen maar die stond natuurlijk met de neus de verkeerde kant uit en ik zag het niet zitten om achteruit het hele smalle weggetje, nu nog smaller door alle opgebroken gesteentes, af te rijden. Ik probeerde achter een heggetje op landbouwgrond te draaien, maar dat kreeg ik niet voor elkaar. Een hoop op en neer gerij en ik zakte al zowat in de grond en kreeg het Spaans benauwd. En ik, die moeiteloos altijd en steeds weer zonder problemen de bijna 1000 kilometer naar en vanuit de Ardèche in Frankrijk rij, kon niet eens mijn auto voor m’n deur keren. Achteruit inparkeren kan ik trouwens al helemaal niet.
Enfin, ik zat daar te klunzen toen er opeens op het raampje werd geklopt. Dezelfde man weer, vriendelijke grijns. Hij gebaarde dat ik eruit moest komen. Ikke doen, zei hij vrolijk. Hij stapt in mijn auto, eenmaal steken, flits flats, en de auto stond met de neus de goeie kant uit. Toen dirigeerde hij verderop op het weggetje ook nog alle toestellen en hijsdingen weg en ik kon erdoor. Maar één dag heeft mijn auto ergens anders geparkeerd moeten staan. Het waren geweldige wegwerkers, dat mag ook wel eens gezegd. En mijn kinderkopjes hebben ze veel beter teruggelegd als dat ze lagen. Complimenten. En dat in nog geen twee dagen.
Nou vraag ik me af wat ik eigenlijk voor iemand anders als nevenspecialiteit zou kunnen betekenen. Behalve dan in een dag naar Frankrijk rijden. Volgens mij niks waar iemand wat aan heeft. Ik kan wel goed roodborstjes en honden schilderen. ‘Van Winkels’ Roodborstjes, tevens mislukte aardappelkroketjes’.
Reageren? Graag! Dat kan via mail: guus.van.winkel@telenet.be
