Altijd als ik weer naar Frankrijk ga voor de lange periode van de zomer, maak ik hier in Hamont een lijst. Althans, dat zou ik moeten doen. Maar ik doe dat niet. De lijst maak ik pas op de dag voor ik vertrek. Die lijst ligt op de bar in de keuken en die schrijf ik pas wanneer de dingen die er op staan al gebeurd zijn. Ik schrijf bijvoorbeeld – pillen halen bij de apotheek. En meteen gaat daar een streep door want dan heb ik ze al gehaald. Ik maak nooit een lijst van de dingen die nog moeten gebeuren, want dat is zo ontmoedigend als daar zo’n hele reeks staat met dingen die je nog moet doen.
Dus doe ik ze eerst, schrijf ze daarna op en zet er een streep door. Vreemd. Zoveel mogelijk stel ik uit. Liefst tot het echt niet langer kàn. Bijvoorbeeld een reparatie aan het huis. Boven op een van de slaapkamers lekte het. Iedere keer als het regent, lekt het daar. Niet op iets ergs, gewoon op de vloer. Er slaapt niemand. In feite wordt mijn hele bovenverdieping niet gebruikt. Ik kom er ook zelden. Mijn strijkplank staat op een van die kamers en wanneer ik een blouse moet strijken moét ik wel naar boven, maar pas op het laatste moment. Zeg maar vlak voordat ik hem aandoe.
Dat heeft dus ook met uitstelgedrag te maken. Het dak was dus al ongeveer een jaar lek toen ik bedacht dat ik het zou moeten laten maken. Ik ging wel altijd trouw na iedere regenbui naar boven om te dweilen. Soms moest ik wel drie keer op een dag naar boven. Trappenlopen. Goed voor me. Mijn vriend wist dit niet, mijn kinderen ook niet. Wanneer mijn vriend dit geweten had, zou hij me wel achter de vodden gezeten hebben om het te laten maken. Maar hij kwam daar nooit. Ik leef op de begane grond waar ik alles heb, dus hij ook. Zelf dacht ik altijd: ach, het gaat vanzelf wel over, ooit slibt het dicht en dan houdt het op. In de zomer ben ik dus in Frankrijk en dan maakte ik dat niet mee. Als ik terugkwam was alles altijd opgedroogd. Grote opdroogvlekken die al bijna niet meer te camoufleren zijn, bedekken daar de vloerbedekking die gelukkig van kunststof is. Laminaat. Op een dag moest de goot gemaakt worden. Mijn gotenman is een soort vriend. Ik vroeg hem, zou je ook even naar het dak kunnen kijken, het lekt daar een beetje. Hij keek en zag meteen: er liggen twee pannen verkeerd. In vijf minuten had hij ze goed liggen. Probleem opgelost. Nooit meer gelekt. Toen het lekte was het zo erg dat ik wanneer het heftig regende, niet meer boven durfde te komen. Pas wanneer het een paar dagen droog was ging ik weer naar boven om te kijken. Meestal was het dan al opgedroogd, of er lag nog een klein plasje rond een tafelpoot. Hoefde ik ook niet meer zo vreselijk te dweilen.
Maar goed, zondag vertrek ik weer naar Frankrijk. Ik heb al heel wat afgestreept. De rest zit in mijn hoofd. Lakens, beddengoed, laptops, opladers, boeken, hondenvoer voor de eerste week, hun paspoorten, riemen, mandjes, hoewel die in Frankrijk in huis ook al plenty zijn. Ik moet nog naar mijn accountant voor de belastingaangifte, maar zij doet daar gelukkig nooit moeilijk over. En als ik het vergeten ben, lees: heel erg uitgesteld, dan kan het ook nog digitaal vanuit Frankrijk, terwijl ik dat eigenlijk technisch niet kan en daar helpt ze mij dan ook nog bij, de schat.
Vroeger moest ik ook nog de krant opzeggen voor drie maanden maar dat was zo’n gedoe aan de telefoon, dat duurde ooit bijna een uur voordat ik iemand levends aan de lijn had, dus die heb ik maar opgezegd. De krant. Schildersspullen moeten ook weer mee, hoewel daar nog heel veel ligt. Ik heb een nieuwe afwijking: ik koop tafellampjes van ongeveer 3 euro bij de Action. Daar ben ik gek op. Die neem ik ook wat mee. Die draai ik ter bescherming in het schone beddengoed. Maar dat doe ik pas op zaterdag voordat we op zondag vertrekken. Misschien zelfs pas op zondagmorgen.
Reageren? Graag! Dat kan via mail: guus.van.winkel@telenet.be
