Heide

Terwijl het einde van de zomer heel langzaam dichterbij komt, kleuren de anders wat groenbruine velden prachtig paars. De heide staat in bloei! De mooie paarse heidevelden, wie kent ze niet? Toch zijn ze minder vanzelfsprekend dan je denkt. Terwijl wij de heide als natuurgebied willen behouden, is het voor de natuur slechts een tussenstadium in de kolonisatie van kale, arme zandgronden. Wanneer er plekken in het landschap openvallen, kan heide ze snel innemen. Heide is een echte pionier plant die als een van de weinige plantensoorten op schrale bodem kan leven en is een van de eerste plantjes die op zandgronden voet aan de grond weet te krijgen. Met zijn wortels houdt heide het zand vast en voorkomt zo dat het gaat stuiven. De wortels van heide leven in symbiose met een bepaald soort schimmel (mycorrhiza). De schimmeldraden groeien om en in de cellen van de heidewortels en voorzien de plant van stikstof. Hierdoor is heide in staat om op zeer zure en voedselarme bodem te leven. Als dank krijgt de schimmel door de plant gevormde voedingsstoffen terug. Door deze samenwerking zijn heideplanten op een zeer voedselarme bodem in het voordeel ten opzichte van bijvoorbeeld grassen, die deze stikstofbron niet hebben. De bloemen van heide bevatten nectar om insecten te lokken die vervolgens de bloemen bestuiven. Na de bevruchting groeit het vruchtbeginsel uit tot een doosvrucht met veel kleine zaden, die door de wind verspreid worden. Dode plantenresten vormen humus en maken de bodem rijker. Als de bodem vruchtbaarder is gemaakt, gaan er steeds meer bomen op groeien. Het natuurlijke eindstadium van heidevelden is bos. In het Vroeg-Holoceen werd de heidevegetatie zo geleidelijk aan vervangen door uitgestrekte bossen. De heide kwam pas weer terug toen de mens landbouw ging bedrijven en het bos open ging kappen. Op de open plekken die ontstonden kon heide zich weer vestigen. Om te voorkomen dat onze heidelandschappen niet overwoekerd raken met bomen, moeten we dus maatregelen nemen. Vaak worden schapen ingezet om de heide te begrazen. Ze begrazen echter niet de heide zelf maar het gras en opschietende boompjes die tussen de heidestruiken instaan, zodat ze de boventoon gaan voeren. Tegenwoordig zien we steeds meer gras tussen de heide en gaan de heidevelden in omvang achteruit. Vroeger werd de heide nog wel eens afgebrand om de wildgroei tegen te gaan. Dat heeft tegenwoordig geen zin meer omdat het gras even snel als de hei weer aangroeit. De reden is dat er veel meer stikstof in de lucht is gekomen. Dit slaat neer in de vorm van zure regen, waardoor andere planten ook van deze extra stikstof kunnen profiteren. Ook door ontginning en ontwatering van hoogvenen gaan de heidevelden in Nederland in aantal en in kwaliteit achteruit. Wacht niet te lang, want half september is de heide alweer uitgebloeid. 

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Foto en tekst Jan de Bruijn.