De van der Spekjes

Opeens stonden ze op het erf bij ons in Frankrijk waar we nu sinds zaterdag zijn. Een man en een vrouw en ze keken naar boven naar ons. We stonden op het balkon. Tot enkele tellen geleden lagen we nog in de luie stoelen in de zon. Maar de honden blaften ineens alle twee keihard. We maanden ze tot stilte. ‘Zijn we hier bij de van Winkeltjes?’ riep het vrouwtje van het (echt?)paar toen de honden stil waren. ‘Ik heet van Winkel’, antwoordde ik vrij koel. Zij had spierwit haar, droeg een knalrode bodywarmer over een blauwe trui op een zogenaamde rijkevrouwen spijkerbroek. Een soort veredelde spijkerbroek met gouden biezen. Het bijpassende mannetje was eveneens spierwit en had nog aardig wat haar. Hij droeg een crèmekleurige broek van dunne stof en een zwarte sweater met capuchon. ’Wij zijn de van der Spekjes en we wonen sinds begin van deze maand in het dorp, St.Andéol de Berg.’ Ze sprak het belachelijk uit, ze zei Berkuh. 

‘Komt u even boven’, zei ik, ‘dan kunnen we beter praten.’ Ze kwamen de trap op, en door het hekje op het balkon. De honden waren al weer gaan liggen en bekéken hen nog niet meer. Hun taak zat erop, ze hadden ze aangekondigd en de rest was voor ons. ‘O wat is het hierboven pràchtig’, riep mevrouw van der Spek, terwijl ze rondkeek. ‘Wat een uitzicht!’ Opeens stak ze een hand naar me uit. ‘Ik ben Trudy,’ kweelde ze en we komen uit Krimpen aan de Lek. Hij heette Jan. We wisselden handen en namen uit. Ze vertelden dat ze vanaf maart t/m augustus hier in Frankrijk zouden wonen en de rest van het jaar in Nederland, in Krimpen dus. Ze woonden in het laatste huis rechts als je binnendoor naar Valvignères reed. Een schitterend huis, werkelijk schitterend, maar TV en zo hadden ze nog niet geregeld. ‘En we hoorden van de Fransen daar dat jullie hier waren en TV hebben.’ Toen ze dat gezegd had keek ze haar echtgenoot dwingend aan. ‘Ja,’ zei hij aarzelend, ’en we vroegen ons af, of we morgenavond hier naar de voetbalwedstrijd Nederland-Duitsland mochten kijken. Kijken jullie voetbal?’

Mijn vriend kuchte. ‘Wilt u eerst misschien iets drinken voor we verder praten?’ Ze zaten op het balkon en dan konden wij binnen tenminste even smiespelend bespreken of we ze wel binnen wilden hebben morgen met het voetbal. Wij kijken natuurlijk wel. ‘Oh, een kopje thee zou fijn zijn,’ zei Trudy. We zaten zelf al lang aan de wijn. ‘Wij doen niet aan thee,’ zei ik vrij bot. ‘Er zitten kleine vliegjes in de waterkoker, iedere keer als we weer hier komen na de winter.’ Ik had nog niet eens in de koker gekeken sinds we hier zijn. ’Er is rosé, witte wijn, en bier, alles koel,’ zei mijn vriend. ‘Oh’ zei Trudy ontsteld, ‘doe dan maar een glaasje rosé.’ ‘Goede keus,’ zei ik. Hij wilde wel een biertje en het leek wel of hij helemaal opmonterde. Het was half drie ‘s middags. 22 graden en de zon scheen. Wat moet je anders in Frankrijk doen dan wat roseetjes drinken. ‘Ze gaan niet naar huis voordat ze er de man drie op hebben,’ siste ik binnen tegen mijn vriend toen we een volgende consumptie tapten. ‘Dan pas vertonen ze hun ware aard en kunnen we kijken of ze morgen mogen komen.’ ‘U bent toch wel te voet,’ zei ik schijnheilig tegen hen. ‘Anders mag u nou niks meer hebben.’ ‘We zijn dat hele stuk komen lopen,’ zei Jan en onwillekeurig hield hij zijn lege glas op. Mooi zeiden wij. Ik herinnerde me opeens dat wij in 1992 met de WK voetbal met de hele groep die toen hier was op een klein TV-tje bij Fransen uit het dorp hadden mogen kijken. We zaten met tien Hollanders die toen bij ons op bezoek waren bij hun binnen in de beste kamer waar de TV stond. De vrouw van Maurice, de toenmalige burgemeester van ons dorp zette zwijgend een schaal koekjes bij ons neer die we als echte Hollanders allemaal opvraten. Wat was het leuk toen en wat waren we blij dat we bij hun mochten kijken, ook al was alles in het Frans. ‘Het is wel maar een oefenwedstrijd morgen,’ zei ik, ‘maar kom maar gewoon om een uur of 8. Maar, geen thee of koffie, alleen wijn en bier tijdens de wedstrijd.’

Ze knikten en lachten, als kinderen zo blij.

Reageren? Graag!  Dat kan via mail guus.van.winkel@pandora.be