Naar het einde van ons lezersgebied -4-

Hamont-Achel –Enkele dagen trek ik er op uit om door het lezersgebied van deze krant te wandelen naar de verste uithoeken, gezien vanuit het redactiekantoor aan Stad 29 in Hamont. Boeiend om te zien wat je allemaal tegenkomt. Voor wie in de regio woont misschien doodnormaal, voor wie hier nog nooit was verbazend. Vandaag deel 4: naar het noordwesten van Hamont-Achel, tegen de grens met Valkenswaard.

Tekst en beeld Evert Meijs

De afstand van het redactiekantoor tot het klooster is op zich niet zo spectaculair: 7,3 kilometer, goed voor anderhalf uur stappen. Maar het is wel een leuke wandeling voor ’n zaterdagmiddag. De beiaard van het stadhuis speelt de Big-Ben-Melodie en tegelijk met de klok van de St.-Laurentiuskerk slaan beide klokken twaalf keer. Het kleine gemeentehuisklokje haalt de zware kerkklok in met slaan. Even later begin de kerkklok aan het Angelus: drie maal slaat de klok drie keer en vervolgens luidt een kleinere klok ongeveer ’n minuut. Zullen de klokken nog iemand aansporen om nú het Engel des Heren te bidden? Want dát is oorspronkelijk de bedoeling hiervan.

Teutenwoning en Napoleonsmolen

Na even goedendag gezegd te hebben bij vriend en oud-collega Jaak Dijkmans (1926) -hij woont boven de apotheek naast het redactiekantoor van HAC Weekblad- vliegen de hulpdiensten met veel lawaai voorbij om een brand te blussen in de Kerkstraat. Vervolgens verwonder ik me weer over de schitterende voorgevel van de woning aan de Wal, nummer 21. Het is een teutenwoning, zoals Hamont-Achel die meerdere rijk is. De voordeur is monumentaal, maar ook de versieringen boven de ramen en de klossen onder de goot geven het pand een voorname uitstraling. ’n Eindje verder, op de Bosstraat, toornt de Napoleonsmolen boven de huizen uit. De wieken staan in de richting van het centrum, want het is zuidoosten wind. Een wind die minder-vaak voorkomt: meestal staan de wieken richting west-zuidwest. Binnenkort wordt gevierd dat de molenrestauratie 25 jaar geleden werd afgerond. ’n Feestje. 

Bij één van de woningen in de buurt hangen twee knalgele brieven voor het raam. Het betreft een bekendmaking van een beslissing over een omgevingsvergunning, van de gemeente. Typisch Belgisch. In Nederland zul je dergelijke aanplakbiljetten niet zien. Het Bernard Kempplein is genoemd naar de lokale beroemdheid Bernard Kemp (1926-1980)

Borduurmat

Onderweg richting Nieuwstraat zie je her en der cementen sierornamenten staan in de voortuinen. Een boer op een kar met Bels paard ervoor, of een jongeling met een hoorn, op een brievenbus. Daar word je vrolijk van. Dan vallen ook de bovenleiding op, die als een lange snoer de ene betonnen paal met de andere verbinden. En omdat de trottoirband of borduur meestal niet verlaagd is voor een oprit, heeft menig bewoner een smalle rubberen mat in de goot gelegd ter bescherming van de schokdempers van de auto. Handig. Verschillende woningen die al wat ouder zijn, hebben aan de zijkant trouwens een uitbouw van ongeveer ’n meter breed, met daarin aan de voorzijde een raam, waardoor je kunt uitkijken op de straat. Zou dat typisch zijn voor lokale aannemers?

Chiro

De naamgeving van de Vègtes blijft interessant. Binnen in dit café aan Dijk 66 valt te lezen dat de naam herinnert aan de herberg van de familie Meeuwissen. Voerlieden besteedden hier hun laatste geld voor een drankje. Rechts de straat in staat een bijgebouw met muurankers die het jaartal 1958 laten zien. Ik heb geleerd om niet meteen te denken dat het hele pand uit dat jaar dateert, maar soms alleen de muur waar de ankers op bevestigd zijn. Ook leuk is er tegenover een Mariabeeldje, dat hoog in de gevel in een speciaal nisje staan. Heel apart is de gevelsteen naast de voordeur van nummer 12: een gevelsteen met daarin een herinnering aan de eerste steen in 1926 gelegd door Boonen Ida. Maar de tekst lijkt er met de hand ingeschreven te zijn! Dan wordt de omgeving bosrijker, als je richting het clubhuis van de Chiro gaat: Scoutsheem genaamd. Lachende en schreeuwende jongelui op de fiets gaan richting hun verenigingslokaal. Ook een Mercedes gaat die kant in om iemand af te zetten. De jeugd komt vandaag uitzonderlijk niet op zondag maar op zaterdag bijeen om zwerfvuil te verzamelen. Tegenwoordig blijken de emblemen van de verschillende thema’s op de rug van het uniform aangebracht te worden: de voorkant is vaak al volzet. Tegenover het Scoutsheem staat waarachtig nog een klein schuurtje met vakbouwgevel.

Worst en bier

De landerijen liggen er nog wat kaaltjes bij. Wel is goed te zien dat ze het afgelopen jaar vaak omringd waren door bloemenvelden, waardoor kleur aan het landschap werd gegeven en de insecten een eldorado aantroffen, zoals de bijen. Het gebied van kasteel Beverbeek en de naastgelegen oude hoeve straalt een interessante historie uit. Laten beide gebouwen zich niet graag zien vanwege de bosschages, het zal iedere voorbijganger ongetwijfeld intrigeren. Als je enkele malen op bomen de waarschuwingen voor de processierups hebt gelezen, arriveer je in de winkel van de Achelse Kluis, waar niet alleen devotionalia en boeken te koop zijn, maar vooral ook veel bier, varkensringworst en boerenjongensworst. Achterin staat nog een schitterende liturgische driedimensionale afbeelding van een monnik die de heilige communie op de tong krijgt gepresenteerd van een andere kloosterling. Buiten staat de oude tiendklok uit 1791 en ziet alle mensen die de Kluis bezoeken aan. Zal deze eeuwenoude luidklok onze krantenbezorgers op deze afgelegen plek ook begroeten?